Snel lezen

Minder houtskool om bossen te beschermen

Chris Simoens
28 augustus 2019
De Congolezen verbruiken massaal veel houtskool om te koken. Om de bossen te beschermen, moet de overheid de toestand strikter opvolgen en alternatieve energiebronnen beschikbaar stellen.
 

In DR Congo gebruiken veel mensen houtskool om hun eten te koken. De productie van houtskool groeide er dan ook uit tot een bloeiende sector. Al betekent dat eveneens dat er een pak bomen moeten voor sneuvelen, in die mate dat houtskool een ernstige bedreiging vormt voor de Congolese bossen.

Als de Congolese overheid zijn biodiversiteit wil beschermen – een gevolg van de bekrachtiging van de VN-Conventie over Biodiversiteit – moet houtskool een aandachtspunt zijn. In feite vormen de productie en het verbruik van houtskool onmisbare indicatoren om de biodiversiteit in Congo op te volgen.

Congolese onderzoekers hebben daarom uitgetest hoe de productie en het verbruik van houtskool kan gemeten en gerapporteerd worden, met focus op stedelijke gebieden en hun omgeving. In 3 provincies waaronder Kinshasa en Mbujimayi gingen ze na welke boomsoorten het meest gebruikt worden.

De studie toonde aan dat het gebruik van houtskool sterk toeneemt. De administraties bleken ook onvoldoende op de hoogte van het reële verbruik. Daarom stellen de onderzoekers voor dat de diverse overheidsdiensten én de wetenschappers veel meer informatie uitwisselen. Ook dienen er meer studies plaats te vinden die bepalen hoeveel hout en houtskool er gebruikt wordt. Alleen zo kan de overheid een helder zicht krijgen op de impact en de evolutie van de houtskoolproductie.

Maar er moet eveneens dringend werk gemaakt worden van alternatieve energiebronnen zoals zonne-energie en biogas (door vergisting van biologisch materiaal). Een betere toegang tot elektriciteit kan ook de druk op de bossen verminderen. En als de mensen over zuiniger vuren beschikken, hebben ze minder behoefte aan houtskool. De overheid kan ook boslandbouw (agroforestry) promoten. Door landbouw met boomteelt te combineren, krijgen de boeren er niet alleen een inkomen bij, maar ontstaat ook een extra bron van hout, die niet meer uit de bossen moet gehaald worden.

Bekijk ook het oorspronkelijk beleidsdocument (in het Frans).

 

CEBioS

Het onderzoek van dit artikel kwam tot stand met de steun van CEBioS (= ‘Capacities for Biodiversity and Sustainable Development’). Dit programma wordt gefinancierd door de Belgische Ontwikkelingssamenwerking en is gehuisvest in het Koninklijk Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen (KBIN). CEBioS steunt een aantal landen zoals Benin, DR Congo, Burundi en Vietnam om indicatoren te ontwikkelen om hun biodiversiteit op te volgen. Dat moet hen toelaten om beter te rapporteren over hun biodiversiteit binnen de VN-Conventie over Biodiversiteit.

Binnen CEBioS volgt een tiental personen ‘biodiversiteit en ontwikkeling’ op, met onder meer ondersteuning aan onderzoek, informatie, sensibilisering, beleidsadvies en publicaties rond biodiversiteit en ontwikkeling in het Zuiden. CEBioS organiseert tevens korte stagebezoeken in België en workshops ter plaatse voor instellingen in ontwikkelingslanden. Het maakt ook de koloniale archieven over de toenmalige nationale parken toegankelijk door ze te digitaliseren.

 

DR Congo Biodiversiteit Bossen Duurzame energie
Volgend artikel Biodiversiteit en traditionele geneeskunde, eenzelfde strijd