Africalia stelt cultuur en creativiteit centraal

Joël Ngwaba Benjamin
18 juni 2018
Africalia riep zijn partners en verschillende culturele spelers bijeen voor een debat over “cultuur en creativiteit, hefbomen van verandering in België en in Afrika” in het Bellonahuis in Brussel op 29 maart 2018. De deelnemers wisselden vooral ideeën uit over de artistieke mobiliteit in de zuidelijke landen en in België.

Dankzij de steun van de Belgische Ontwikkelingssamenwerking werkt Africalia al lang samen met artiesten en culturele organisaties uit verschillende hedendaagse disciplines: audiovisuele kunsten, podiumkunsten, literatuur, beeldende kunsten,... Vandaag profileert deze ngo zich als een organisatie die excellentie en expertise in deze disciplines in Afrika verbindt. Doel: de artistieke mobiliteit tussen landen in het Zuiden en België bevorderen.

Tijdens deze conferentie gaf Frédéric Jacquemin, het hoofd van Africalia, toelichting bij de evolutie van de opdrachten van de organisatie : ‘Ten opzichte van vijf of zes jaar geleden merk ik verschillende dingen op. Enerzijds moeten we onze inspanningen bundelen aangezien onze middelen beperkt zijn. Willen we iets concreets teweegbrengen, dan moeten we ons niet met te veel zaken tegelijk bezighouden. Anderzijds is de rol van onze opdracht veranderd. We worden steeds minder beschouwd als een geldschieter, dat wil zeggen als een bank die louter geld geeft, maar eerder als een agentschap dat ervoor zorgt dat projecten tot stand komen door uitwisselingen aan te moedigen tussen Afrikaanse en Europese expertise om tot een echte meerwaarde te komen.’

We worden steeds meer beschouwd als een agentschap dat ervoor zorgt dat projecten tot stand komen door uitwisselingen aan te moedigen tussen Afrikaanse en Europese expertise om tot een echte meerwaarde te komen.

Frédéric Jacquemin - Directeur Africalia

Artistieke mobiliteit

Vandaag is het vooral van essentieel belang om de artistieke mobiliteit tussen de landen in het Zuiden te bevorderen. Hoe kan worden bereikt dat kunstwerken, voorstellingen en artiesten op verschillende locaties te zien zijn? En hoe kunnen  synergiën worden ontwikkeld tussen de verschillende Afrikaanse landen om tot meer creativiteit en een ruimere verspreiding van de creaties te komen? De  artistieke mobiliteit tussen Afrikaanse landen blijft immers problematisch. In de praktijk lukt dat het best binnen eenzelfde cultuurbekken, regio of subregio. Zo is het relatief makkelijk voor een cultuuractor uit Ouagadougou om in Lomé of Abidjan zijn kunst te tonen. Daarentegen krijgt hij veel moeilijker toegang tot Oost-Afrika of de Engelstalige Afrikaanse landen. Het omgekeerde geldt eveneens. De huidige rol van Africalia bestaat er dus in om de artistieke mobiliteit tussen de verschillende Afrikaanse landen te bevorderen.

Ook de artistieke mobiliteit tussen België en Afrika verloopt moeilijk. In Europa, en in België in het bijzonder, blijkt er een groeiende belangstelling voor culturele creaties uit Afrika. De Afrikaanse auteurs, artiesten en scheppende kunstenaars worden steeds vaker uitgenodigd om naar België en Europa te komen. Maar tegelijkertijd krijgen ze steeds moeilijker een visum.

De wereldwijde cultuurmarkt is goed voor meerdere miljarden dollars. Volgens betrouwbare bronnen echter nemen Afrikaanse producties daarvan slechts minder dan 1 procent voor hun rekening.

Twee mensen bekijken een expo met geprojecteerde foto's.
© Maël G. Lagadec

Versterking cultuuraanbod via digitalisering

De wereldwijde cultuurmarkt is goed voor meerdere miljarden dollars. Volgens betrouwbare bronnen echter nemen Afrikaanse producties daarvan slechts minder dan 1 procent voor hun rekening. Als we een duurzame en endogene groei van het Afrikaanse cultuuraanbod willen bevorderen, dan moet daarvoor de interne markt worden gestimuleerd. Zo valt bijvoorbeeld op dat er bijna geen echte professionele muziekuitgevers bestaan in Afrika. Er zijn er maar een paar, veel te weinig  ten opzichte van het volume aan muzikale creaties in Afrika.

Volgens Christophe Galand is het hoog tijd dat de Afrikaanse artiesten ophouden met zich vooral op de Europese markt te richten. Velen willen een culturele creatie realiseren die ooit in Europa kan worden getoond, maar eigenlijk doen ze er beter aan om werk te maken ingegeven door een creativiteit die eigen is aan de Afrikaanse leefwereld. De Afrikaanse artiesten dienen eerst op hun eigen continent een publiek te vinden alvorens de oversteek naar Europa te wagen. Een dergelijke omschakeling houdt in dat de Afrikaanse artiesten zich veel meer dan vandaag losmaken van de westelijke patronen en dat ze hun eigen verspreidingsplatformen ontwikkelen. In dat opzicht biedt digitalisering een grote kans. De Afrikaanse creaties kunnen zo de weg vinden  naar nieuwe markten. Het beroep van cultuurproducent houdt gelijke tred met de vooruitgang op het gebied van de toegang tot telefonie, internet, sociale en digitale media, alsook tot online financieringsplatformen.

 Al deze nieuwe technische mogelijkheden sporen de Afrikaanse scheppende kunstenaars aan om de eigen inbreng in de overstap naar deze digitale technologie te vergroten. Cinéma Numérique Ambulant Afrique (CNA Afrique) heeft deze weg reeds ingeslagen. Dit pan-Afrikaanse netwerk in Ouagadougou, de hoofdstad van de Afrikaanse bioscoopindustrie, verbindt momenteel zeven landen, met name Benin, Burkina Faso, Kameroen, Mali, Niger, Senegal en Togo. Het biedt een brede toegang tot een kwaliteitsvol filmaanbod doordat Afrikaanse films op digitale apparaten worden verspreid op het platteland.

 

Een vrouw staat voor een auto van Cinéma Numérique Ambulant Afrique (CNA Afrique)
© CNA Cameroun
Cultuur Afrika
Terug Mens
Imprimer
Over hetzelfde thema - Artikel 6 /9 Jeugd en muziek in Kinshasa