Alles wat je wou weten over hernieuwbare energie in Afrika

Chris Simoens
11 december 2017
Om de klimaatverandering tegen te gaan, moet meer en meer overgeschakeld worden op hernieuwbare energie. Hoever staat Afrika? Glo.be vroeg het aan Pépin Tchouate Heteu, expert duurzame energie in Afrika.

INTERVIEW

Zo’n 1,2 miljard mensen hebben wereldwijd geen toegang tot elektriciteit. Hoe zit dat in Afrika?

620 miljoen Afrikanen – zowat 70% van de bevolking - hebben geen toegang tot elektriciteit, vooral in Sub-Sahara Afrika. Tegen 2030 kunnen dat er 750-850 miljoen zijn. Programma’s die de toegang tot elektriciteit willen bevorderen, dienen daarmee rekening te houden.

Welke plannen bestaan er rond hernieuwbare energie in Afrika?

Hernieuwbare energie zit duidelijk in de lift. De laatste tien jaar stellen we een verviervoudiging vast. Dat sluit aan bij de ambitieuze doelwitten die de Afrikaanse landen zich gesteld hebben onder het initiatief ‘Sustainable Energy for All’. Alleen bestaat er geen coördinatie van die plannen. Sommige willen hun capaciteit verdubbelen, andere zoals Oeganda en Kameroen produceren nu al 90% van hun elektriciteit uit hernieuwbare bronnen. Ze doen dat vooral met grote waterkrachtcentrales.

Wat zonne- en windenergie betreft: het potentieel mag dan al goed ogen, zeker voor Afrika, maar het gebruik ervan blijft beperkt. Niet alleen omdat ze onvoorspelbaar zijn, maar ook omwille van de capaciteit van het net. Om het net stabiel te houden, mogen onvoorspelbare energiebronnen maximaal 20% van de capaciteit van het net uitmaken.

 

Hernieuwbare energie in Afrika vandaag

 

  • Geothermie (warmte uit de grond): voor de opwekking van elektriciteit vooral in Oost-Afrika (voornamelijk Kenya en in ontwikkeling in Ethiopië en Eritrea)
  • Waterkracht: zowat overal aanwezig met nog heel wat onbenut potentieel
  • Biomassa: vooral in Centraal-Afrika. Wordt nog niet gebruikt voor elektriciteit, maar het potentieel is er wel.
  • Zonne-energie (fotovoltaïsch): overal aanwezig, maar met een piek in Oost-Afrika. Niet alleen grootschalig, maar ook kleinere huissystemen.
  • Windenergie: vooral in Noord-Afrika (Egypte, Marokko, Ethiopië, Djibouti…)
  • Concentrated Solar Power (CSP): (bundelen van zonlicht met spiegels of lenzen): in Zuid-Afrika, stilaan uitgebreid naar andere landen.

 

Maar megawaterkrachtcentrales zijn toch vaak controversieel? Mensen moeten verhuizen, ze hebben een impact op het milieu en op de waterstanden van de rivier in buurlanden. Denk maar aan de Renaissancedam op de Blauwe Nijl in Ethiopië.

Toch blijft men daarmee doorgaan. Zo heeft de grote Ingadam in Congo een potentieel van 39.000 MW. Het kan meerdere landen van elektriciteit voorzien als de nodige hoogspanningslijnen aangelegd zouden worden. Maar beleidsmakers zouden inderdaad ook rekening moeten houden met de impact op de landen die zich stroomafwaarts bevinden en dat doen ze te weinig voor de Renaissancedam in Ethiopië. Ze zijn zich mogelijk wel bewust van het probleem, maar er is een gebrek aan coördinatie.

Wat is het potentieel van de kleine waterkrachtcentrales?

De kleine waterkrachtcentrales zijn duidelijk in opmars. Toch gaat het niet over megaproductie. Zo beschikt Kameroen over 262 micro-hydrosites die elk tussen de 50 kW en 5 MW kunnen leveren, samen goed voor 300 MW. Vergelijk dat met het totale potentieel voor grootschalige waterkracht dat 20.000 MW bedraagt. Ook DR Congo heeft een enorm potentieel voor kleine waterkrachtcentrales, net zoals Tanzania.

Het interessante aan de kleine waterkrachtcentrales is dat ze zich goed lenen om off grid elektriciteit te produceren, dus los van het net. Ze kunnen afgelegen dorpen van elektriciteit voorzien, zonder dat ze aan het net moeten aangesloten worden. Zonder die lokale krachtcentrales zou het zeker nog 10-20 jaar duren eer die dorpen aangesloten worden! Bovendien is het goedkoper. Je hoeft geen elektriciteitslijnen naar die afgelegen dorpen aan te leggen. Toch ontbreekt het vaak aan fondsen.

Waarom?

De laatste 5 jaar werken vooral privébedrijven, onder meer uit Europa, aan off grid oplossingen. Denk aan ENGIE en E.ON in Tanzania.

Maar ze stoten op een hindernis. Plattelandsbewoners willen gerust iets meer betalen voor hun elektriciteit zodat het voor de bedrijven kostenefficiënt wordt. Maar beleidsmakers houden vast aan een gelijke - lagere - prijs in het hele land. Die lagere prijs weerspiegelt echter niet de ware kost van de off grid installatie. Daardoor wordt de investering niet meer interessant voor de privésector.

Het interessante aan de kleine waterkrachtcentrales is dat ze zich goed lenen om off grid elektriciteit te produceren, dus los van het net. Ze kunnen afgelegen dorpen van elektriciteit voorzien, zonder dat ze aan het net moeten aangesloten worden.

Waterkrachtcentrale in Rwanda
© Shutterstock

Welk soort biomassa gebruiken Afrikaanse landen?

Biomassa bestaat uit afval van gemeenten, landbouw, timmerfabrieken… Vooral de afgelegen timmerfabrieken die niet aangesloten zijn op het net, kunnen vandaag de dag met het houtafval hun eigen elektriciteit aanmaken in plaats van met dieselgeneratoren. De kanteling kan er komen als houtafval als energiebron economisch interessant wordt voor hen.

Maar ze hebben kapitaal nodig waarover ze niet beschikken. Dat lijkt me een unieke opportuniteit voor "derde partij-financierders". Ze kunnen de elektriciteitseenheid leasen ofwel produceren ze de elektriciteit tegen betaling tot ze uit de kosten zijn.

Hakhout is in wezen hernieuwbaar, maar in Afrika leidt het tot ontbossing. Wat is de oplossing?

Hout wordt inderdaad veel gebruikt om te koken, vooral op het platteland, en onze bossen lijden daaronder. Toch bestaan er vandaag al kookvuren die minder hout of houtskool vergen. Op termijn moeten we uitkijken naar andere technologieën zoals biogas. Bijvoorbeeld door fermentatie van mest en excrementen zoals in gevangenissen in Oeganda. Senegal en Burkina Faso denken eraan afval van slachthuizen te gebruiken.

Biogas zal echter niet volstaan. We zullen moeten overschakelen op propaangas, wat kan helpen om ontbossing en woestijnvorming tegen te gaan. Elektriciteit is nog te duur om mee te koken, maar wel interessant zijn zonneovens die het zonlicht bundelen. Hopelijk worden ze in de toekomst veel meer gebruikt.

Sommige projecten leggen zonnepanelen aan, maar achteraf blijkt de expertise te ontbreken om ze te onderhouden. Hoe kunnen Afrikaanse landen dat probleem opvangen?

We hebben inderdaad nood aan expertise: technici, mensen die de installaties kunnen beheren, maar ook ambtenaren. Sommige landen richten ingenieurscholen op of organiseren beroepsonderwijs, maar dat moet intenser.

We zouden ook de bedrijven die de centrales bouwen, kunnen verplichten om ze een tijdje draaiende te houden. Tot nu toe installeren ze de centrale en dan verdwijnen ze. Ze dragen dus geen verantwoordelijkheid voor de kwaliteit van de installatie. Door hen te verplichten de centrale een tijd te beheren, moeten ze wel voor betere kwaliteit zorgen. Dat kan de onderhoudskosten drukken.

Om installaties met zonnepanelen te onderhouden, hebben we nood aan expertise: technici, mensen die de installaties kunnen beheren, maar ook ambtenaren.

Zonnepanelen in Mozambique
© BTC/Dieter Telemans

Denkt u dat het qua hernieuwbare energie in de goede richting evolueert?

Er is zeker een wil, maar we missen nog de concrete stappen om in die richting te bewegen. Allicht omdat beleidsmakers nog te weinig het probleem begrijpen. Daarom pleit ik voor vorming van staatsambtenaren. Ze moeten het belang van elektriciteit in een brede context zien, zelfs al is die off grid duurder dan on grid. Dankzij de elektriciteit zullen minder ziektes voorkomen, zullen kinderen beter opgeleid zijn, zullen mensen ondernemender worden en zal de lokale economie groeien. Geen elektriciteit hebben valt voor de huishoudens dus veel nadeliger uit dan de iets hogere prijs van de elektriciteit van off grid micro-installaties. We moeten zoeken naar de juiste manier om die boodschap over te brengen bij de ambtenaren. Als iemand mijn boodschap niet begrijpt, heb ik het nog niet goed uitgelegd.

Volgens het klimaatakkoord van Parijs zouden we in 2050 geen fossiele brandstoffen meer mogen gebruiken. Is dat haalbaar voor Afrika?

Voor de elektriciteitsproductie kunnen sommige landen dat halen, voor andere wordt dat heel moeilijk.

Met alleen zonne- en windenergie zal het in elk geval niet lukken. Tenzij de mogelijkheden om elektriciteit te stockeren goedkoop, betrouwbaar en betaalbaar worden. Landen die ook beschikken over stockeerbare bronnen zoals biomassa en waterkracht, hebben meer kans om tegen 2050 fossielvrij te worden.

Maar het transport en de landbouw zullen fossiele brandstoffen blijven gebruiken. Natuurlijk kan je elektrische wagens inzetten, maar dan heb je toch al een heel stabiele elektriciteitsproductie nodig. Voor het openbaar vervoer zie ik dat wel gebeuren, maar niet voor de individuele auto’s, tenzij ze betaalbaar worden.

Kijk waar we vandaag staan: de meesten gebruiken tweedehandswagens. We zouden een financieringssysteem moeten hebben dat mensen toelaat om nieuwe wagens te kopen met een hogere efficiëntie. Dat zou het gebruik van fossiele brandstoffen alvast verminderen. Maar volledig overschakelen op elektrische wagens zie ik in Afrika de komende 30 jaar niet gebeuren.

Wat doet de internationale gemeenschap?

Ze biedt best veel opportuniteiten voor fondsen: de Wereldbank, de EU, het Amerikaans ontwikkelingsagentschap USAID, het Japans ontwikkelingsagentschap JICA, individuele Europese landen zoals Zweden, Duitsland, Frankrijk en België (BTC, BIO)… En dat zowel met giften als leningen.

 

Lees meer: WEO-2017 Special Report: Energy Access Outlook

 

Hoe zit het met kernenergie in Afrika?

 

Zuid-Afrika investeerde in twee kerncentrales en plant nog een derde, voor een totaal van 1300 MW. Andere landen denken erover na, maar het blijft controversieel. Afrikaanse regeringen spiegelen zich aan wat er zich afspeelt in onder meer Europa. Daar ontmantelt men de kerncentrales en is men bezorgd voor het kernafval.

Afrikaanse landen zullen dus uit zichzelf niet zo gauw met kernenergie beginnen. Ze kunnen echter wel verleid worden door investeerders die beweren dat een kerncentrale goedkoper elektriciteit produceert dan een conventionele centrale. Dat geldt echter enkel voor de korte termijn, op lange termijn zijn kerncentrales duurder.

Pépin Tchouate

 

Pépin Tchouate Heteu is ceo van een privaat adviesbureau (DEECC Consulting) in België en verbonden aan UCL. In Kenya is hij adviseur voor Power Africa, een initiatief van USAID om 30.000 MW extra elektriciteit te produceren.

Duurzame energie Afrika
Terug Planeet
Imprimer