Als de ambulance niet komt

Adrianne Waldt - CICR
01 april 2012
Hulpverleners onder vuur in crisissituaties
In conflictsituaties sterven mensen niet massaal door de rechtstreekse gevolgen van het conflict – een bermbom, beschietingen… - maar wel omdat bijvoorbeeld de ambulance niet op tijd kan komen. Dat blijkt uit een onderzoek van het Internationale Rode Kruiscomité (ICRC), uitgevoerd van 1 juli 2008 tot 31 december 2010 in 16 landen. Het telde 655 gewelddadige incidenten tegen medische diensten en hun personeel, 1.834 mensen kwamen hierbij om het leven of raakten gewond. Als het medisch personeel zijn werk niet kan doen of als ziekenhuizen zelf het doelwit zijn van aanvallen, raakt dat miljoenen mensen.

Al sinds 1864 bestaan regels voor de bescherming van gezondheidszorg tijdens gewapende conflicten. Die Verdragen van Genève stellen dat medisch personeel hulp moet bieden aan de gewonden zonder onderscheid te maken in nationaliteit. Precies door die neutraliteit genieten hulpverleners bescherming. Bovendien bestaat er al bijna 150 jaar een kenteken waarmee medisch personeel, medische voorzieningen en medische voertuigen zich kenbaar kunnen maken: een rood kruis op een witte achtergrond.

Humanitaire tragedie

Ondanks de bescherming door de Verdragen van Genève zijn medische zorgverleners vaak het slachtoffer van geweld. Dat verhindert hen om hun taken uit te voeren, waardoor slachtoffers niet verzorgd kunnen worden. Die humanitaire tragedie wordt vaak over het hoofd gezien. Aan schrijnende voorbeelden helaas geen gebrek. Recent werden ziekenhuizen in Sri Lanka en Somalië bestookt met artillerie, paramedici in Colombia werden gedood en gewonde mensen in Afghanistan werden gedwongen urenlang te wachten in files aan checkpoints.

Gaza: hulp bemoeilijkt

Begin 2009 voltrok zich een schokkend incident in Gaza. Het ICRC had 'veilige doorgang' gevraagd voor ambulances op 3 januari, maar ontving pas toestemming op 7 januari. Aangekomen in het gebied waar de beschietingen plaatsvonden, trof het medische team 4 kleine kinderen aan naast het lichaam van hun overleden moeders. Verder lagen er minstens 12 doden. In een ander huis vond het reddingsteam 15 overlevenden en verschillende gewonden. Soldaten gestationeerd op 80 meter gaven het Rode Kruisteam het bevel om het gebied te verlaten. Het Rode Kruis weigerde.

Pierre Wettach, toenmalig hoofd van de ICRC-delegatie voor Israël en de Bezette Palestijnse Gebieden, zei hierover: "De Israëlische militairen moeten van de situatie op de hoogte zijn geweest maar hebben de gewonden niet geholpen. Ook maakten ze het ons en de Palestijnse Rode Halve Maan onmogelijk om de gewonden te helpen." Door de Israëlische afscheidingsmuren kon de ambulance niet in de buurt komen, dus moesten de kinderen en gewonden met een ezelwagen vervoerd worden.

Libië: evacuatie van gewonden bedreigd

Ook tijdens het conflict in Libië lag de gezondheidszorg onder vuur. In mei 2011 meldde de Libische Rode Halve Maan dat drie ambulances beschoten werden. In oktober had het geweld opnieuw gevolgen op de gezondheidszorg. Duizenden burgers zaten gevangen door de hevige gevechten in Sirte. Er kon geen voedsel meer geleverd worden en ook was er geen elektriciteit. Nochtans is het de taak van de partijen die betrokken zijn bij de gevechten om voorzorgsmaatregelen te nemen om de burgers te sparen.

De veiligheidssituatie werd zo ernstig bedreigd dat het ICRC maar een beperkt aantal routes kon nemen om mensen te evacueren, hoewel die evacuaties juist uiterst dringend waren. 15 medewerkers van het ICRC en de Libische Rode Halve Maan zetten hun leven op het spel om gewonde mensen uit Sirte te evacueren.

Het team trok naar een ziekenhuis dat door de gevechten gedeeltelijk was vernietigd, en daarom niet meer functioneel. "Toen we daar aankwamen vonden we patiënten met ernstige brandwonden en granaatscherven. Sommigen hadden een geamputeerde ledemaat en een paar waren half bewusteloos. Ze lagen tussen een menigte van andere mensen die ook om hulp vroegen", vertelt ICRC-afgevaardigde Patrick Schwaerzler.

Een ambulance van de Rode Halve Maan wordt geblokkeerd op een controlepost in Hebron
© ICRC

Somalië: ziekenhuis onder mortiervuur

Ook in Somalië hebben gewelddadige incidenten de medische hulpverlening ernstig bemoeilijkt. Op 22 januari 2012 werd het Keysaney-ziekenhuis in het noorden van Mogadishu getroffen door twee mortiergranaten. Het Keysaney-ziekenhuis is één van de twee belangrijkste ziekenhuizen van het ICRC in Mogadishu en wordt beheerd door de Somalische Rode Halve Maan.

Verpleger in ambulance kijkt door het kapotte raam
© COSMOS / Catalina Martin-Chico

Alle patiënten, ongeacht hun clan en religieuze of politieke achtergrond, worden er behandeld. Het ICRC levert chirurgische apparatuur en medicijnen en biedt ook opleidingen aan voor artsen en verpleegkundigen. In 2011 werden er bijna 2.000 oorlogsgewonden behandeld. Sinds 1992 zijn er 30.000 patiënten behandeld met wapengerelateerde verwondingen, waaronder veel vrouwen en kinderen.

Het ziekenhuis is duidelijk herkenbaar door Rode Halve Maanemblemen. Toen de mortiergranaten neerkwamen, vielen er gelukkig geen doden of gewonden. Maar door de inslag scheurde de muur van de operatiekamer, vielen enkele bomen om en werden waterleidingen beschadigd.

"We zijn zeer bezorgd over de patiënten en het personeel van het ziekenhuis. De situatie is rampzalig, nu mensen zich zelfs in een ziekenhuis niet meer veilig kunnen voelen", zegt dr. Ahmed Mohamed Hassan, voorzitter van de Somalische Rode Halve Maanvereniging. "Medisch personeel en faciliteiten zijn erg schaars in Somalië. De diensten van het Keysaney-ziekenhuis zijn dan ook absoluut onmisbaar voor de mensen in de regio."

Het is onaanvaardbaar dat de schaarse toegang tot gezondheidszorg nog verder in het gedrang komt.

Oplossingen

Om gewelddadige incidenten tegen de gezondheidszorg beter te begrijpen, moeten deze gevallen systematisch verzameld en uitgewisseld worden. Met behulp van deze gegevens is het aan alle betrokkenen om er een doeltreffend antwoord op te geven.

Nationale overheden moeten maatregelen nemen én uivoeren om patiënten, medisch personeel, medische voorzieningen en medische voertuigen te beschermen tijdens gewapende conflicten en andere situaties van geweld.

De humanitaire gemeenschap kan niet op zijn eentje een oplossing bieden voor deze immense uitdaging. Het is noodzakelijk dat de staten, hun strijdkrachten en andere gezaghebbende autoriteiten en gewapende groepen erkennen dat geweld een belemmering betekent van de gezondheidszorg voor zowel strijders als burgers. Het gevaar en de impact van geweld op de hulpverlening moet een humanitair agendapunt worden. Er moet een cultuur worden gecreëerd van verantwoordelijkheid waarin iedereen zijn of haar taak opneemt om doeltreffende en onpartijdige gezondheidszorg veilig te stellen.

Gezondheid Oorlog Humanitaire hulp
Terug Mens
Imprimer