Ann Claes: ‘Je kan nooit ethisch produceren als je alles op de cent uitrekent’

Marloes Humbeeck
01 mei 2019
[Interview] Goede zaken doe je enkel als je respect hebt voor mens en milieu. Daar is Ann Claes, ceo van de Claes Retail Group, overtuigd van. De kledingketens JBC en Mayerline die deel uitmaken van deze groep scoren dan ook hoog op ethiek en duurzaamheid. Glo.be sprak met Ann Claes over haar engagement en de waarde van maatschappelijk verantwoord ondernemen. 
 

De Claes Retail Group is sinds 2015 lid van de multistakeholder-organisatie ‘Fair Wear Foundation’. Wat betekent dat precies en aan welke voorwaarden moeten kledingmerken voldoen om dat label te krijgen?

 

An Claes
Ann Claes

Als je aangesloten bent bij de Fair Wear Foundation (FWF), ga je samen op weg om je productieketens te verbeteren. Je mag dan ook alleen lid worden als je kan aantonen dat je de nodige inspanningen wil en zal leveren voor een eerlijkere mode. Lid zijn betekent natuurlijk niet dat je bedrijf al perfect ethisch is. Het is een constant proces, je bent nooit echt klaar met eraan te werken en jezelf te verbeteren. 


Het is ook geen gemakkelijk proces. Daarom krijg je begeleiding van de FWF. Ze inspecteren bijvoorbeeld de fabrieken waar wij mee samenwerken. Hierbij focussen ze zich op enkele specifieke werkpunten, zoals het verbod op kinderarbeid, veilige en gezonde werkomstandigheden, geen discriminatie en correcte arbeidsuren en verloning. Ze controleren alles grondig en laten vervolgens weten waar er verbeterpunten zijn. Op basis daarvan werken wij verbeterplannen uit, in samenspraak met de fabrikant. Bovendien zorgt de FWF voor transparantie. Na de audits stellen ze een rapport op dat de deelnemende ketens punten geeft. Die rapporten kan je gewoon vinden op onze website. 
 

Lid zijn van Fair Wear Foundation betekent natuurlijk niet dat je bedrijf al perfect ethisch is. Het is een constant proces.

In 2018 heeft JBC op dit rapport een score van 59 behaald en een monitoringpercentage van 89%. Bent u tevreden met dit resultaat? Wat zal u doen om de resultaten te verbeteren? 


Het was geen gemakkelijk jaar en dat is ook te zien in het rapport. We zijn door een functiewissel een tijdje zonder CSR manager gevallen (= persoon verantwoordelijk voor Corporate Social Responsibility of maatschappelijk verantwoord ondernemen, nvdr). Daarom hebben we moeite gehad om stappen voorwaarts te zetten. Maar we konden wel de bestaande realisaties aanhouden. Gezien de omstandigheden ben ik daar zeker trots op, maar voor 2019 wil ik verder gaan. 


Dit jaar willen we vooral dat onze fabrieken 100% geauditeerd zijn. Met andere woorden, al onze fabrieken moeten tegen het eind van het jaar geïnspecteerd worden en een verslag krijgen. Ook willen we nog meer transparantie in onze productieketen aan onze consumenten geven. Onze I AM-collectie is zeker een stap in de juiste richting. Alle fabrieken waarin de kleren van I AM geproduceerd zijn, kan je terugvinden op onze website. De consument kan de code op de kleren inscannen en komt zo te weten waar het kledingstuk dat hij of zij wil kopen precies geproduceerd is. Transparantie ten top dus. Dat soort stappen willen we over de hele lijn verderzetten. 

 


Die audits vereisen wel een zeker engagement en er hangt waarschijnlijk ook een prijskaartje aan vast. Hoe gaat JBC om met deze extra kosten?


Je kan volgens mij nooit juist produceren als je alles op de cent uitrekent. Dit engagement is gewoon wat wij vinden dat we moeten doen als grote keten, wat elke keten zou moeten doen om op een correcte manier te produceren.  


Bovendien loont de samenwerking met de FWF zich ook op financieel vlak. Door lid te zijn werken wij immers aan partnerschappen met onze fabrikanten en aan een goede productieplanning. Als je een goede productieplanning hebt, kan je er ook voor zorgen dat je goede kwaliteit produceert. Alles wordt nauwkeurig afgewerkt en de fabrikant weet dat hij op je kan vertrouwen. Daardoor gaat hij ook anders zijn prijs berekenen. Mede dankzij dit partnership krijgen we dus een betere prijssetting van de fabrikant. Met 80 % van onze fabrikanten werken wij trouwens al meer dan vijf jaar. Een trouwe en transparante samenwerking dus, ook dat is duurzaam. 
 

De consument kan de code op de kleren van onze I AM-collectie inscannen en komt zo te weten waar het kledingstuk dat hij of zij wil kopen precies geproduceerd is. Transparantie ten top dus.

Zicht op een ruime JBC-winkel in Izegem
© JBC

Naast FWF, heeft JBC ook het Bangladesh-veiligheidsakkoord ondertekend. Wat houdt dat akkoord precies in? Maakt het volgens u een groot verschil?


Het Bangladesh-veiligheidsakkoord kwam tot stand na de ramp in Rana Plaza waarbij 1.134 fabriekswerkers om het leven kwamen door een slechte infrastructuur. Het betreft een internationale samenwerking met verschillende retailers om de brandveiligheid en de algemene veiligheid van de gebouwen in Bangladesh te controleren en te verhogen. Wij waren de eerste Belgische onderneming die dat akkoord ondertekende. 


De fabrieken waarin wij produceren worden dankzij het akkoord geïnspecteerd door professionele ingenieurs. Zij zeggen dan wat er allemaal moet veranderen om 100% veilig te zijn en volgen dat op. Alle 24 fabrieken waarmee we in Bangladesh samenwerken, worden op die manier gecontroleerd. Dat soort akkoorden zijn volgens mij van het grootste belang. Ik vind dan ook dat zo veel mogelijk ketens zich moeten aansluiten. In 2017 heeft H&M het akkoord ook ondertekend en dat zet enorm veel druk op andere bedrijven. Volgens mij mag de overheid daar ook gerust een rol in spelen en bedrijven oproepen zich aan te sluiten. Het is misschien triest om te zeggen, maar als je alleen maar afhankelijk bent van de goede wil, zal je er niet vlug komen.

 


Denkt u dat Rana Plaza iets in gang heeft gezet in de mode-industrie? Willen producenten en consumenten nu ook echt verandering of was de verontwaardiging maar tijdelijk?


Ik voel dat er iets in gang is geschoten bij de producenten en de ketens. Het feit alleen al dat de FWF en het veiligheidsakkoord bestaan, zegt al genoeg. Bij de consument daarentegen blijft het moeilijk. We praten wel steeds meer over ethisch verantwoorde mode, maar als ik kijk naar de rijen die er staan bij grote ketens die aan zeer lage prijzen produceren, heb ik toch mijn twijfels. 


Ik zag eens een reportage waarbij een interviewer in één van die rijen vraagt ‘Mevrouw, weet u waar dit geproduceerd wordt?’.  Het antwoord luidde: ‘Ah ja, in die landen met kinderen zeker’. En diezelfde mevrouw komt dan later toch buiten met een zakje van de winkel. Dan denk ik, de burger vindt het belangrijk, maar de consument niet. Dat is soms ontmoedigend, maar we kunnen alleen maar blijven proberen en hopen dat we zo navolging krijgen. 
 

Bij de consument daarentegen blijft het moeilijk. We praten wel steeds meer over ethisch verantwoorde mode, maar als ik kijk naar de rijen die er staan bij grote ketens die aan zeer lage prijzen produceren, heb ik toch mijn twijfels. 

Respect voor mensenrechten is van vitaal belang wanneer het gaat om ethische mode. Maar ook de invloed die de mode-industrie heeft op het klimaat valt niet te onderschatten. JBC zet zich daarom eveneens in voor een duurzamere mode. Waar letten jullie dan zoal op? 


Eerst en vooral proberen we gebruik te maken van alternatieve milieuvriendelijkere materialen. Onze IAM-kleren worden voornamelijk gemaakt van lyocel, bio-katoen, gerecycleerd polyester en bamboe. De gewassen waarvan deze stoffen gemaakt worden, zijn zonder het gebruik van chemische producten, zoals pesticiden, verbouwd. Door te kiezen voor dergelijke ecologische stoffen blijft onze ecologische voetafdruk beperkt.


Maar als we echt de afvalberg willen verminderen, moeten we volgens mij toch op zoek gaan naar een circulaire economie. Er wordt zo veel kledij weggegooid terwijl we deze stoffen perfect kunnen hergebruiken. In onze I AM collectie experimenteren wij met herbruikbare materialen. Zo zijn we een nylon jas van gerecycleerde petflessen aan het ontwerpen en heeft onze jeansbroek van gedragen, gerecycleerde denim al veel succes. 


Denim is immers enorm belastend voor het milieu. Katoen oogsten verbruikt al erg veel water en ook de wassingen zijn vervuilend. Daarom recycleren wij de bruikbare stukken jeans. De delen die niet bruikbaar zijn, worden vermalen tot vezels en dan tot een nieuwe denim verweven. We zijn erg tevreden over dit project. We slaagden er namelijk in om de consument een kwaliteitsvol en milieuvriendelijk alternatief aan te bieden voor een betaalbare prijs van 50 euro. Toch zijn er nog enkele verbeterpunten. Zo moet het inzamelen van denim op consistentere basis gebeuren. Het doel is om een systeem te vinden waarbij mensen eerst denim binnenbrengen bij ons en we deze dan verwerken en opnieuw verkopen.
 

Als we echt de afvalberg willen verminderen, moeten we op zoek gaan naar een circulaire economie. Er wordt zo veel kledij weggegooid terwijl we deze stoffen perfect kunnen hergebruiken.

U praat vooral over duurzame materialen, maar zijn er nog andere zaken waar producenten en consumenten op kunnen letten voor een milieuvriendelijkere mode?


Natuurlijk, elke schakel van het productieproces proberen we te verduurzamen. Dus niet alleen de materialen die gebruikt worden, maar ook de verf –en transportprocessen, waterverbruik en waterzuivering. Dat gebeurt ook tijdens onze audits. Wij worden begeleid om daar zuiniger in te zijn. 


Voor de consument gaat duurzaamheid volgens mij ook verder dan het kopen van duurzamere kleren. Het begint bij het feit dat je kleding langer dan één seizoen draagt. Als kinderkledij doorgegeven wordt naar andere familieleden is dat voor mij ook duurzaam. Daarom hebben we in al onze kinderkleding naamlabels voorzien, waar je twee namen kan invullen. Als je zegt ‘ik draag iets één seizoen en ik gooi het dan weg’, is dat alles behalve duurzaam, zelfs als het duurzame kledij is. 

 


Fast fashion, veel ‘wegwerpkledij’ kopen van lage kwaliteit, is nochtans in de mode. Denkt u dat mensen ooit zullen afstappen van die trend en meer zullen investeren in duurzame mode? Wat zal hen volgens u overtuigen dat te doen? 


Ik hoop alleszins dat het besef zal komen en dat deze trend snel verdwijnt. En eerlijk gezegd heb ik er ook wel vertrouwen in. Als je kijkt naar de klimaatprotesten en hoeveel jongeren zich daarvoor inzetten, kan je niet anders dan vertrouwen hebben in de volgende generatie. Hier zien we namelijk jongeren die vechten voor de toekomst van onze planeet. De textielindustrie is daar een belangrijk onderdeel van. De generatie die er nu aankomt zal bewuster kleding kopen. Dat gezegd zijnde, blijft de weg naar een duurzamere mode een lang en moeizaam proces.


Wat wij moeten doen, is de consument informeren. We moeten hen uitleggen wat het betekent een T-Shirt te kopen van bio-katoen en waarom het dan ook dat beetje meer kost. Zo geven we hen alle info die ze nodig hebben om een bewuste keuze te maken. 
 

Ga altijd op zoek naar informatie! Check bijvoorbeeld de website van de keten waarbij je iets wil kopen. Ketens die ethischer omgaan met kleren zullen dat ook altijd op hun website vermelden. Zo maak je bewustere keuzes. 

Klanten in een JBC-winkel in Izegem
© JBC

Welke moeilijkheden ondervinden jullie in het algemeen om jullie duurzame en ethische missie trouw te blijven? 


Wij zijn niet de grootste keten. Dus als wij iets willen opstarten, als er nieuwe initiatieven zijn, hebben wij niet altijd de macht om dat te realiseren. Als je een groot internationaal bedrijf bent dat kledingstukken over de hele wereld verkoopt, is het natuurlijk gemakkelijker om mensen mee te krijgen met je ideeën. Wij moeten dan weer wat harder werken om iedereen achter ons te scharen. Wij proberen producenten, ketens en consumenten bewust te maken van de invloed die ze kunnen hebben en hen zo te overtuigen. Geen gemakkelijk opdracht, maar wel van groot belang. 

 


Om af te sluiten, is er één specifieke tip die je aan de consument zou geven om ethischer en duurzamer te shoppen? 


Ga altijd op zoek naar informatie! Check bijvoorbeeld de website van de keten waarbij je iets wil kopen. Ketens die ethischer omgaan met kleren zullen dat ook altijd op hun website vermelden. Zo maak je bewustere keuzes. Neen, we moeten niet alles ineens all the way doen. Nooit meer met de auto rijden, nooit meer gaan shoppen, …. Het belangrijkste is dat je nadenkt voor je een keuze maakt en je je informeert. We zullen dan misschien niet in één klap alles oplossen, maar elke stap die je zet, telt, hoe klein die ook is. 

 

Ontdek meer over hoe JBC bijdraagt aan een duurzame mode

Lees ook Ethisch shoppen, zo doe je het of 10 tips om je ethisch en ecologisch te kleden
 

Wie is Ann Claes? 

 


Ann Claes staat sinds 2004 samen met haar broer Bart Claes aan het hoofd van de Claes Retail Group, bekend van JBC en Mayerline. Deze familieketen zet zich in voor een ethischere en duurzamere mode. Claes ziet transparantie als de sleutel van duurzaam ondernemen en zet hier dan ook erg op in. In 2018 won ze daarom de prijs voor beste CSR Professional van het Jaar uitgereikt door de vzw Time4Society.  
 

Textiel Fair trade Ondernemerschap
Terug Economie
Imprimer
Over hetzelfde thema - Artikel 2 /3 10 tips om je ethisch en ecologisch te kleden