Bijenteelt, een gouden oplossing

UNEP
15 maart 2019
In Rwanda, een land met een hoge bevolkingsdichtheid, weinig cultuurgrond en een economie die gericht is op landbouw en veeteelt, vormt bijenteelt een veelbelovend alternatief dat op efficiënte en milieuvriendelijke wijze de plattelandsarmoede kan helpen terugdringen.

De context

Net als in vorige jaren vielen in 2018 heel wat Rwandese slachtoffers door landverschuivingen en overstromingen.

De oorzaak? Onvoorspelbare hevige regenval als gevolg van klimaatverandering, wat de laatste jaren heeft geleid tot bodemaantasting en vernietiging van het ecosysteem.

Een andere belangrijke oorzaak is ontbossing, een gevolg van een te intensieve houtkap waar de plattelandsbevolking tot op heden extra inkomsten uit haalt.

In Rwanda, een van de dichtstbevolkte landen van Afrika, heeft de bevolking geen andere keuze dan zich aan te passen aan deze nieuwe omstandigheden en oplossingen te vinden. 

 

Weinig productieve traditionele methodes

De honingproductie van traditionele Rwandese bijenhouders was onvoldoende om een gezin te onderhouden. Om hun inkomsten te verhogen haalden ze ook hout uit het woud of velden ze bomen om grasland te creëren voor hun vee.

Toen de regering een verbod op houtkap oplegde, moesten we ons op een andere activiteit richten. Bijeenteelt kent een lange traditie in Rwanda. We kennen allemaal de geneeskrachtige werking en de voedingswaarde van honing. Alleen waren onze traditionele methodes te weinig productief.

Emmanuel Kajugujugu - lid van een bijenteeltcoöperatie in het district Nyabihu

De oplossing

Dankzij een project dat onder meer door het Fonds voor de Minst Ontwikkelde Landen (Least Developed Countries Fund, LDCF) wordt gefinancierd, konden de bijenhouders deze traditionele methodes gemakkelijk verbeteren. Het project wordt uitgevoerd door UNEP, het Milieuprogramma van de Verenigde Naties, en bestaat erin acht bijenteeltcoöperaties op te richten in het district Nyabihu, een van de zeven districten van de Province de l'Ouest van Rwanda. Via zijn bijdrage aan het LDCF heeft België 500.000 dollar geïnvesteerd in het project.

De programma’s en projecten die door het Fonds voor de Minst Ontwikkelde Landen (LDCF) worden ondersteund, hebben tot doel in de minst ontwikkelde landen de weerbaarheid van kwetsbare gemeenschappen tegen droogte, overstromingen, zware stormen en andere gevolgen van klimaatverandering te vergroten.

Het LDCF wordt beheerd door het Wereldmilieufonds (Global Environnement Facility, GEF), een financieringsmechanisme voor de belangrijkste multilaterale milieuovereenkomsten, zoals de VN-raamovereenkomst inzake klimaatverandering. Sinds 2009 heeft België 87,44 miljoen euro uitgetrokken voor het LDCF. Daarmee is België een belangrijke donor.

Door vrouwen en mannen efficiënt op te leiden en hen bijenkasten en ander bijenteeltmateriaal te bezorgen, kon de productie van kwaliteitshoning worden vergroot en konden modernere technieken worden aangewend.

Een imker werkt aan zijn moderne bijenkast.
© UNEP

Het resultaat

"Mijn inkomsten zijn verdrievoudigd!"

Door vrouwen en mannen efficiënt op te leiden en hen bijenkasten en ander bijenteeltmateriaal te bezorgen, kon de productie van kwaliteitshoning worden vergroot en konden modernere technieken worden aangewend. Op die manier hielp het project de bijenhouders om hun inkomsten te verdrievoudigen en soms zelfs te verviervoudigen.

"Ze hebben ons geleerd hoe we voor onze bijen moeten zorgen en hoe we de honing beter kunnen oogsten", aldus Leoneste Harerimana, voorzitter van de Bijenhoudersunie van Nyabihu.

"Ik wist niet hoe ik de bijen uit de bijenkast moest halen! Dankzij de moderne bijenkasten kunnen we de bijen zien en voeden zoals het hoort en de honing gemakkelijk oogsten. Vrijwel meteen na de opleiding en de levering van het materiaal steeg mijn honingproductie sterk (van 35 dollar per oogst naar 100 dollar per oogst). Vandaag zijn mijn inkomsten meer dan verdrievoudigd en lukt het me veel beter mijn gezin te onderhouden."

Als kers op de taart leidt de goede productie vaak tot een afzet op  lucratieve markten, zoals die van de Europese Unie. De EU legt immers strenge kwaliteitsnormen op waarvoor nationale plannen voor toezicht op residuen (antibiotica, pesticiden, zware metalen zoals lood en arsenicum) nodig zijn. Rwanda voldoet aan die normen.

 

Recente natuurrampen hebben duidelijk aangetoond dat klimaatverandering een negatieve impact heeft op de armste en meest kwetsbare landen en gemeenschappen. Ik wil België bedanken voor zijn bijdragen aan het LDCF en voor zijn inzet op het gebied van aanpassingsmaatregelen.

Naoko Ishii - ceo en voorzitter het GEF

Dankzij dit project en de oprichting van coöperaties is de oogst van de bijenhouders verzekerd.

Leoneste Harerimana: "Gedaan met de financiële stress die ons er gemakkelijk toe aanzette andere bronnen van inkomsten te zoeken, zoals houtkap, met de bekende catastrofale gevolgen."

Aangrenzende regio’s zijn de vooruitgang van de bijenhouders van Nyabihu beginnen volgen. Niet het woud, maar wel de bijenteelt wordt beetje bij beetje hun focus.

"Mijn kinderen zijn naar school kunnen gaan", vertelt Senyuzi, vader van acht kinderen. "Twee van hen zijn leerkracht geworden, allemaal dankzij de honing!"

De handen van een imkers tillen een honingraat uit een bijenkast.
© Shutterstock
Rwanda Klimaat Bijenteelt
Terug Planeet
Imprimer
Over hetzelfde thema - Artikel 5 /16 Klimaattop Katowice stemt hoopvol