De mensenrechten, een haalbaar ideaal?

Elise Pirsoul
01 juli 2013
De mensenrechten: veelbesproken, soms misbruikt, vaak geschonden, gedeeltelijk gerespecteerd. Ze belichamen het ultieme ideaal van de mensheid. Tezelfdertijd zijn ze een waarschuwing voor staten die geneigd zijn ze met voeten te treden. Als zodanig vormen ze een van de pijlers van de duurzame ontwikkeling en van het menselijk welzijn wereldwijd. Hierna volgt een kort overzicht van de waarden, de geschiedenis, de bescherming en de toepassing van de mensenrechten van Europa tot Afrika. Maar ook van de beperkingen en discussies die ze nog steeds oproepen.

Voorloper van de universele rechten

De mensenrechten zoals we die vandaag kennen zijn het resultaat van een Westers ontwikkelingsproces. Toch vinden we ook elders analoge begrippen terug:

  • Wereldwijd is gewoonterecht (ontstaan uit de gewoonte) van toepassing op justitie, veiligheid en de gemeenschapsorganisatie. De inhoud ervan hangt af van de context.
  • Het Charter van Mandé - Charter van Kouroukan Fouga is een van de eerste verwijzingen naar mensenrechten. Volgens de overlevering werd het handvest in 1236 bij de troonsbestijging van de keizer van Mali afgekondigd. Het bevat al een aantal beginselen zoals de eerbiediging van het menselijk leven, individuele vrijheid en justitie. Het zou de aanzet hebben gegeven tot de afschaffing van de slavernij, die destijds wijdverbreid was. Vooral gezins- en gemeenschapswaarden komen erin tot uitdrukking.

  • In India liet koning Ashoka (-269, -232) edicten etsen waarin hij politiek en moraal op een lijn probeerde te brengen. Ze omvatten onder andere de gelijkheid voor de wet.
  • The United States of America Declaration: de Amerikaanse Revolutie bevrijdde de Noord-Amerikanen van de Engelsen en gaf gestalte aan een federale republiek met nieuwe instellingen. Haar democratische idealen vonden hun weerslag tot in Europa. Daarnaast leverde de Amerikaanse Revolutie een aantal vernieuwende teksten zoals de Onafhankelijkheidsverklaring en de Grondwet waarin rechten zoals het recht op vrijheid, het recht op gelijkheid en het recht op het nastreven van geluk zijn vastgelegd.
  • De Franse Revolutie (1789) betekende de overstap van een maatschappij van bevelen en privileges naar een republiek. De Déclaration des droits de l’Homme et du citoyen omvatte individuele natuurlijke rechten plus de voorwaarden voor de uitvoering ervan. Veel van deze beginselen worden later overgenomen in de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens: gelijkheid, vrijheid, het recht op eigendom, veiligheid…
  • Het Verdrag van Genève werd onder impuls van Henri Dunant, de stichter van het Rode Kruis, in 1864 ondertekend. Het is een van de eerste internationale initiatieven dat de bescherming beoogt van een welbepaalde categorie personen, namelijk soldaten die in oorlogstijd gewond raakten.

1948, Universele Verklaring van de Rechten van de Mens

Na WOII en de ontdekking van de gruwel van de concentratiekampen kwam er een kentering: de menselijke waardigheid was tijdens de oorlog al te gortig met voeten getreden. De naties sloegen de handen in elkaar om de vrede te waarborgen. Dat leidde tot de oprichting van de Organisatie van de Verenigde Naties in 1945. Deze stelde in 1948 de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens op. In een aantal aanvullende verdragen en protocollen komen andere onderwerpen aan bod: rechten van vrouwen, rechten van het kind, foltering, slavernij, enz.

 

Reikwijdte en grenzen van de universele mensenrechten

  • Nog elke dag herinneren de nieuwsberichten ons eraan dat beginselen zoals het recht op waardig werk, op een behoorlijke levenskwaliteit en op voedsel lang niet overal in de wereld worden geëerbiedigd. In het Noorden laten het recht op huisvesting, op werk en het vrij verkeer van personen ook nog te wensen over.

  • De staten die meeschreven aan de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens vertegenwoordigden slechts een deel van de wereldwijde bevolking. Sommigen durven het universele karakter van deze Verklaring dan ook in twijfel te trekken. Ze zou vooral ingegeven zijn door individualistische waarden.
  • De Universele Verklaring van de Rechten van de Mens is niet bindend. En de mechanismen waardoor de staten toezicht op elkaar kunnen uitoefenen (zoals de Raad van Europa) bieden niet voor alle problemen een oplossing. Bovendien werden tal van verdragen door belangrijke leden van de VN niet bekrachtigd, wat hun toepassing verhindert.
  • De staten kunnen een uitzondering inroepen als er sprake is van een bedreiging voor de openbare orde. Deze veiligheidsredenen worden soms te pas en te onpas aangevoerd.
  • We kennen het gezegde: ‘Onze vrijheid stopt waar de vrijheid van de andere begint’. Volledige vrijheid heeft uiteraard zijn grenzen, maar deze worden vaak nog op nationaal niveau vastgelegd: het gebruik van politiegeweld, euthanasie, vrijheid van wapendracht, abortus, …

Regionale varianten

  • Het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie (2000) vormt één juridisch bindende tekst waarin alle burgerrechten en sociale rechten van de personen die op het grondgebied van de Unie wonen, zijn vastgelegd.
  • Het Charte africaine des droits de l’Homme et des Peuples is ingegeven door de Afrikaanse waarden en opvattingen. De familie is de hoeksteen van de maatschappij. Alle volkeren zijn gelijk, hebben recht op bestaan en op zelfbeschikking, en moeten vrijelijk over hun rijkdommen en hun economische ontwikkeling kunnen beschikken.

  •  

Instanties die toezicht houden op en zich inzetten voor de bescherming van de rechten van de mens

De Verenigde Naties

  • Het Bureau van de Hoge Commissaris voor de rechten van de mens beschermt en bevordert mensenrechten, en voorkomt schendingen.
  • Rapporteurs onderzoeken mensenrechtenschendingen en klagen ze aan, in een bepaald land of rond een bepaald thema. Zo is onze landgenoot, Olivier de Schutter, speciaal VN-rapporteur voor het recht op voedsel.

  • De gespecialiseerde VN-agentschappen: UNICEF (kinderen), UN Women (vrouwen), FAO (voedsel en landbouw), UNESCO (onderwijs, wetenschap en cultuur), ILO (arbeid), enz.
  • De Raad voor de rechten van de mens evalueert de mensenrechtensituaties wereldwijd met het ‘Universeel Periodiek Onderzoek’ op basis van informatie die staten, ngo’s en andere bronnen verstrekken.

Het internationaal Strafhof (ICC)

Het Internationaal Strafhof werd in 1998 opgericht op grond van het Statuut van Rome. Als permanente rechtsinstantie heeft het als taak mensen te berechten die worden beschuldigd van genocide, misdaden tegen de mensheid en oorlogsmisdaden.

 

Regionale rechtsinstanties

  • Het Europees Hof voor de rechten van de mens (EHRM) werd in 1959 op grond van het Europees Verdrag inzake de rechten van de mens in het leven geroepen in het kader van de Raad van Europa. Het EHRM berecht setHHtaten die het Europees Verdrag inzake de rechten van de mens hebben bekrachtigd maar niet naleven.

  • Het Afrikaanse Hof voor de rechten van mensen en volken: ziet toe op de eerbiediging van het Afrikaans Handvest van de rechten van de mens en volken, enz.

Op nationaal niveau

  • De nationale grondwetten vermelden vaak de rechten van de mens. Dat geldt ook voor België. De Raad van State ziet toe op de toepassing ervan.

  • De universele bevoegdheid geeft een staat de mogelijkheid om sommige ernstige misdaden te vervolgen, ongeacht waar de misdaad werd begaan en ongeacht de nationaliteit van de daders of de slachtoffers. Deze wettelijke bepaling dient om te voorkomen dat ernstige misdaden ongestraft blijven, met name oorlogsmisdaden en misdaden tegen de mensheid die worden begaan in regio’s waar de inwoners geen passende wettelijke bescherming genieten. In België werd in 1993 een wet over de universele bevoegdheid goedgekeurd.
  • De civiele samenleving (onder meer de ngo’s) oefent toezicht en druk uit om de mensenrechten te doen eerbiedigen. Bijv. Amnesty international, RCN (Réseau des Citoyens), de Liga voor de rechten van de mens, Human Rights Watch, het Rode Kruis, enz.

De mensenrechten in de Belgische Ontwikkelingssamenwerking

Een deel van de ontwikkelingshulp wordt sinds het einde van de Koude Oorlog enkel gegeven als de regeringen van de partnerlanden de mensenrechten eerbiedigen. Het recentere begrip Benadering van ontwikkeling op basis van de rechten van de mens behelst de versterking van, enerzijds, de autoriteiten die toezien op de eerbiediging van de rechten van de mens en, anderzijds, van zij die rechten kunnen doen gelden.

  • De nieuwe wet over de Belgische Ontwikkelingssamenwerking van 2013 stelt mensenrechten centraal. Sinds 2013 ‘omvat ontwikkelingssamenwerking als prioritaire thema’s: 1° de rechten van de mens (en het kind); 2° fatsoenlijk en duurzaam werk; 3° de versterking van de maatschappij’ (art. 11).

  • De vier subthema’s zijn:
  • de rechten van vrouwen: rechtvaardige toegang tot werk en een politiek ambt, seksuele en reproductieve rechten, …
  • de rechten van het kind: kinderarbeid, bescherming van minderjarigen, jeugdrechtsysteem, …
  • het recht op waardig werk: sociale bescherming, gelijke lonen voor man en vrouw, …
  • het recht van toegang tot de rechter: voorlopige hechtenis, bescherming van slachtoffers en getuigen, …
  • Tijdens de beleidsdialoog over de samenwerking die België met zijn partnerlanden voert komen de mensenrechten uitvoerig aan bod, in lijn met de Overeenkomst van Cotonou (art. 8) die hulp afhankelijk stelt van de eerbiediging van de rechten van de mens.
  • België financiert UN Women, UNFPA (seksuele en reproductieve rechten), UNICEF en het VN-Bureau van de Hoge Commissaris voor de Mensenrechten.
Mensenrechten
Terug naar dossier
Imprimer
In dezelfde categorie - Artikel 31 /32 Grove misdaden blijven niet langer onbestraft