Een opleiding om de betrekkingen tussen België en Afrika te verdiepen

Antoine Delers
17 juni 2019
Afrikaanse diplomaten namen in mei deel aan een opleiding in Brussel om hun kennis te verruimen. België greep de gelegenheid aan om de diplomatieke betrekkingen met de herkomstlanden van de deelnemers te verdiepen. Voor dit initiatief van minister van Buitenlandse Zaken Didier Reynders werkte het Egmontinstituut nauw samen met de FOD Buitenlandse Zaken.

Wat houdt dit initiatief in?


Het Egmontinstituut – het Koninklijk Instituut voor Internationale Betrekkingen – organiseert sinds 2014 opleidingen voor buitenlandse diplomaten en leidinggevenden in het kader van zijn "Education & Training Programme". Elk jaar worden verschillende landen uitgenodigd om deel te nemen aan een opleiding van twee weken over onderwerpen zoals diplomatie in de praktijk, onderhandelen, Europese instellingen en bemiddeling.
 

‘De opleidingen hebben tot doel een beeld te schetsen van de instellingen, de diplomatie, de geschiedenis en de cultuur van België. Verder willen we ook de competenties en kennis van de deelnemers verrijken en de betrekkingen tussen de Belgische en buitenlandse diplomaten versterken’, aldus Ellen Moser, projectbeheerder van het "Education & Training Programme”.

Opleiding ‘diplomatie in de praktijk’


De opleiding ‘diplomatie in de praktijk’, die van 29 april tot 10 mei 2019 plaatsvond, bracht Franstalige diplomaten uit vier Afrikaanse landen bijeen: Angola, Ivoorkust, Guinee en Rwanda. Er werden verschillende seminaries aangeboden, met name over de Belgische, Europese en andere instellingen, de rol van ons land in verschillende domeinen, diplomatieke onderhandelingen, enz. De deelnemers kregen bovendien de kans enkele Belgische en internationale instellingen te bezoeken, zoals het Belgische federale parlement, de Europese Dienst voor Extern Optreden (EDEO) en de zetel van de NAVO.
 

‘Deze opleiding komt op het juiste moment’, bevestigt Grégoire Ahononga, eerste adviseur bij de ambassade van Ivoorkust in Brussel. ‘Tijdens deze 2 weken heb ik inzicht gekregen in de werking van de Belgische instellingen. Ik weet nu tot welke instelling ik mij concreet moet wenden voor een bepaald dossier. Voor kwesties in verband met cultuur of onderwijs moet ik bijvoorbeeld aankloppen bij de gemeenschappen en niet bij het federale niveau. Voortaan zal ik mijn werk in het kader van de bilaterale betrekkingen tussen België en Ivoorkust dus efficiënter kunnen organiseren.’
 

Jean Touré, eerste secretaris bij de ambassade van Guinee in Brussel, deelt de mening van zijn collega: ‘Dankzij deze opleiding zullen we de samenwerking tussen Guinee en België kunnen  verdiepen en de kwaliteit van onze dienstverlening verbeteren. België werkt op een strikter gereglementeerde manier dan wij en de structuur van de instellingen is beter. We moeten erkennen dat onze instellingen een weerspiegeling zijn van de situatie in de landen die ons hebben gekoloniseerd. Wij trachten onze administratie te moderniseren en ze aan te passen aan onze huidige socio-economische situatie.’
 

Maar deze 2 weken durende opleiding betekent niet het eindpunt van de verdieping van de betrekkingen tussen België en de deelnemende landen! De Belgische ambassades houden het diplomatieke netwerk immers in stand en gaan daarvoor duurzame banden aan met diplomaten met de bedoeling vriendschappelijke betrekkingen met de landen te onderhouden. Bovendien aarzelt het Egmontinstituut niet om de samenwerking die tijdens de opleidingen ontstaat, voort te zetten. Daarvoor onderzoekt het de mogelijkheden om meer structurele steun te bieden bij de basisopleiding van de leidinggevenden van de overheidsadministraties van deze landen.  

Beroepsopleiding Egmont Institute Diplomacy Afrika
Terug naar dossier
Imprimer
In dezelfde categorie - Artikel 3 /29 Boliviaanse alumnus UAntwerpen in Veiligheidsraad