Empowerment van vrouwen: nog veel werk voor de boeg

Marloes Humbeeck & Fanny Lamon
28 mei 2019
25 jaar na de Internationale Conferentie over Bevolking en Ontwikkeling heeft het Bevolkingsfonds van de Verenigde Naties (UNFPA) het actieprogramma geëvalueerd dat destijds tijdens deze conferentie werd ondertekend. Het UNFPA concludeert dat er sinds 1994 aanzienlijke vooruitgang is geboekt. Toch blijft er nog een lange weg af te leggen vooraleer vrouwen de volledige controle over hun reproductieve rechten hebben.

In 1994 kwamen afgevaardigden bijeen op de Internationale Conferentie over Bevolking en Ontwikkeling (ICPD) in Caïro om de bezorgdheid over de bevolkingsgroei aan te pakken. 179 regeringen ondertekenden toen een actieprogramma dat het probleem op een innovatieve manier aanpakt. Het programma is immers niet alleen gericht op het bereiken van bevolkingsdoelstellingen, maar houdt ook rekening met de behoeften, aspiraties en reproductieve rechten van de mens. 

 

Empowerment van vrouwen

In het programma zijn de rechten en de empowerment van vrouwen prioritair. In dit opzicht werd al heel wat vooruitgang geboekt. Zo is de verspreiding van genitale verminking van vrouwen wereldwijd afgenomen. In landen waar deze praktijken worden toegepast onderging in 1994 nog ongeveer 49% van alle jonge meisjes genitale verminking. In 2019 is dat percentage echter gedaald tot 31%.

 Deze wereldwijde daling verhult echter de aanzienlijke verschillen tussen landen. Zo is de snelle afname van genitale verminking van vrouwen die we in landen als Burkina Faso, Ghana en Kenia zien minder uitgesproken in landen als Tsjaad, Gambia, Guinee of Nigeria.

Bovendien bleek uit onderzoek dat in de 47 rapporterende landen slechts 53% van de gehuwde vrouwen het recht heeft beslissingen te nemen over reproductieve gezondheid en rechten. Dat percentage ligt nog lager in Centraal- en West-Afrika, waar slechts 40% zelf over deze kwesties kan beslissen.

Tot slot blijkt uit schattingen dat ongeveer een derde van de vrouwen in hun leven met een of andere vorm van geweld te maken hebben. Het zien en zelf ondergaan van geweld is de grootste oorzaak van het gebruik van geweld tegen vrouwen door mannen. Dat is dan ook een probleem dat dringend moet worden aangepakt.

Ongeveer een derde van de vrouwen hebben in hun leven met een of andere vorm van geweld te maken gehad.

Een vrouw die lesgeeft in een workshop staat naast een klembord met de tekst 'hoe beïnvloedt geweld ons'. (Nicaragua).
© Tineke D'haese/Oxfam

Onderwijs en arbeidsmogelijkheden

Op de conferentie werd erkend dat onderwijs en werk essentieel zijn om mensen in staat te stellen hun rechten op te eisen. Hoewel de toegang tot kwaliteitsonderwijs en banen is toegenomen, blijft het voor vrouwen nog steeds moeilijker om deze doelstellingen te bereiken. Over het geheel genomen is er sinds 1994 weinig vooruitgang geboekt op vlak van de participatie van vrouwen op de arbeidsmarkt, de salarisverschillen voor gelijk werk, het inkomen gedurende de hele loopbaan en vrouwen in leiderschapsposities. Ook dat verschilt van land tot land. Landen met hoge lonen vertonen over het algemeen  meer gendergelijkheid.

Het programma zal zich blijven richten op het dichten van de genderkloof. Het doel van gelijke kansen op onderwijs en werk zal worden bereikt door levenslange toegang tot onderwijs, financiële en digitale inclusie voor vrouwen, wettelijke bescherming en een betere verdeling van onbetaald werk tussen mannen en vrouwen te bevorderen.

 

Gezinsplanning

Wat de bevolkingsgroei betreft, zijn er aanzienlijke verschillen tussen landen. Meer dan de helft van de bevolkingsgroei zal in slechts negen landen plaatsvinden. In deze landen hebben vrouwen niet het recht om te beslissen hoeveel kinderen ze willen.

Anticonceptie is natuurlijk een belangrijke factor. De toegang tot moderne anticonceptie is sinds 1994 sterk verbeterd. Wereldwijd is het gebruik van anticonceptiemiddelen met 25% gestegen. In de minst ontwikkelde landen is het zeer lage gebruik van anticonceptie zelfs met een factor vier (400%) toegenomen. Bovendien kunnen we vaststellen dat de behoefte aan gezinsplanning waaraan niet kan worden tegemoetgekomen, is afgenomen van 13,8 procent in 1994 tot 11,5 procent in 2019.

Dat betekent geenszins dat het probleem is opgelost. In 69 landen met "hoge prioriteit" voor gezinsplanning is het absolute aantal vrouwen aan wiens behoefte op vlak van gezinsplanning niet kan worden tegemoetgekomen, gestegen van 132 miljoen in 1994 tot 143 miljoen in 2019.

Hoewel de kwaliteit van de diensten op vlak van gezinsplanning verbeterde door een ruimere toegang tot advies en informatie, blijven er nog steeds tekortkomingen. Het is aangetoond dat het aanbieden van meerdere moderne methoden efficiënter is om tegemoet te komen aan de uiteenlopende behoeften van vrouwen. Toch blijven te veel nationale programma's steunen op slechts één of twee moderne methoden. India blijft bijvoorbeeld sterk vertrouwen op sterilisatie van vrouwen om aan de behoeften van gezinsplanning te voldoen.

Wereldwijd is het gebruik van anticonceptiemiddelen met 25% gestegen.

Seksuele en reproductieve gezondheid

Het doel van de conferentie was kwalitatief hoogwaardige seksuele en reproductieve gezondheidszorg voor iedereen te verzekeren. Door middel van onderzoek, belangenbehartiging en financiering kon de afgelopen 25 jaar in dit opzicht veel vooruitgang worden geboekt. De investeringen zijn echter versnipperd en er blijven nog veel tekortkomingen.

Een onthutsend voorbeeld: volgens schattingen zijn er in de leeftijdsgroep van 15 tot 49 jaar jaarlijks 376 nieuwe besmettingen met chlamydia, gonnoroea, trichomoniasis of syfilis. Daarnaast blijft hiv een groot probleem. Terwijl het jaarlijkse aantal nieuwe hiv-infecties wereldwijd daalde van 3,4 miljoen in 1996 tot 1,8 miljoen in 2017, komt 66% van alle nieuwe infecties voor in Sub-Saharaans Afrika.

Het uitwisselen van informatie is van cruciaal belang bij de bestrijding van seksuele aandoeningen. Bij toekomstige initiatieven moet rekening worden gehouden met het feit dat jongeren steeds vaker online seksuele en reproductieve gezondheidsinformatie uitwisselen. Op die manier komen ze in contact met pornografie en verkeerde informatie of worden ze aangezet tot misdaad of mensenhandel.

De vermijdbare moedersterfte is met 40 procent gedaald doordat meer bevallingen met deskundige hulp verlopen.

Op het gebied van de perinatale gezondheidszorg werd enige vooruitgang geboekt. Zo is de vermijdbare moedersterfte met 40 procent gedaald doordat meer bevallingen met deskundige hulp verlopen. In Sub-Saharaans Afrika is er zelfs een daling van 57,8 procent.

Op het gebied van postnatale zorg zijn verbeteringen nodig. Slechte postnatale zorg heeft immers een enorme impact op de kindersterfte. Van de 2,6 miljoen baby’s die in 2016 binnen de eerste levensmaand overleden, stierven er een miljoen binnen de eerste dag en een miljoen binnen de volgende zes dagen.

Het programma ligt volledig in lijn met de Duurzame Ontwikkelingsdoelstellingen, die erop gericht zijn niemand uit te sluiten. Beide willen duurzame ontwikkeling bereiken en daarmee mensenrechten voor iedereen verwezenlijken. Mensen staan immers centraal in het streven naar duurzame ontwikkeling en hebben recht op een gezond en productief leven in harmonie met de natuur.

25ste verjaardag van de ICPD

 

De 52e zitting van de Commissie Bevolking en Ontwikkeling, die van 1 tot 5 april 2019 in New York plaatsvond, stond in het teken van de 25e verjaardag van de ICPD. In een gemeenschappelijke verklaring bevestigden de deelnemende landen, waaronder België, opnieuw het Actieprogramma van de ICPD. De verdere uitvoering ervan werd zelfs essentieel geacht om de Duurzame Ontwikkelingsdoelstellingen te bereiken. Het zal evenwel nodig zijn adequate middelen vrij te maken.  

 

Verder vermeldt de verklaring dat ‘het aanpakken van (....) lacunes en behoeften op vlak van seksuele en reproductieve gezondheid een holistische aanpak vereist die het recht van alle individuen omvat om beslissingen te nemen over hun lichaam en leven, vrij van stigmatisering, discriminatie en dwang, en om toegang te hebben tot essentiële diensten en informatie op vlak van seksuele en reproductieve gezondheid, met inbegrip van uitgebreide seksuele voorlichting. Dat is niet alleen van fundamenteel belang voor de gezondheid en het overleven van mensen, maar het is ook noodzakelijk om de economische ontwikkeling en uiteindelijk het welzijn van de mensheid te bevorderen’.

 

In 2018 droeg België 14,1 miljoen euro bij aan het UNFPA, het agentschap voor seksuele en reproductieve gezondheid van de Verenigde Naties: 9 miljoen voor algemene middelen, 2 miljoen dollar voor het UNFPA Supplies Fund, dat moderne anticonceptiemethoden ter beschikking stelt in de armste landen, en meer dan 3 miljoen dollar voor programma's voor seksuele en reproductieve gezondheid en rechten in de partnerlanden Benin, Burkina Faso, Guinee, Mali, Marokko, Niger en Palestina.

Gender Seksueel geweld Vrouwenbesnijdenis Vrouwenrechten
Terug Mens
Imprimer
Over hetzelfde thema - Artikel 3 /17 Jonge Indiase vrouwen op weg naar onafhankelijkheid