Ethisch shoppen, zo doe je het

Marloes Humbeeck
19 maart 2019
We houden er allemaal wel eens van een koopje te scoren. Het feit dat we op deze manier bijdragen aan oneerlijke werkomstandigheden en klimaatvervuiling drukt ons plezier echter al snel de kop in. Maar een duurzamere en ethischere mode is mogelijk. Glo.be geeft je enkele tips mee zodat je je niet langer schuldig moet voelen over wat er in je kleerkast hangt.

Probeer te weerstaan aan Fast fashion

Fast fashion is de trend die de laatste jaren het modewezen heeft overgenomen. Grote modeketens proberen de klant te verleiden met goedkope kleren waarvan elke week een nieuw stuk in de winkel hangt. Kwaliteit is daarbij van ondergeschikt belang. Zolang de consument maar zo veel mogelijk stuks koopt. Als je de kleren al na een paar dagen moet weggooien, is dat dan ook geen ramp. Je hebt er uiteindelijk maar enkele euro’s voor betaald. Goed voor zowel de producent als de consument, of zo lijkt het tenminste.

De negatieve gevolgen van dat soort mode zijn echter niet te onderschatten. Ten eerste is de katoenteelt één van de meest milieuschadelijke teelten ter wereld. Katoen vraagt 25% van het wereldwijde insecticidengebruik, meer dan enig ander gewas. Twee derde van de katoen producerende landen gebruikt chemicaliën die door de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) als gevaarlijk worden bestempeld. Daar komt nog eens bij dat katoen erg veel water vraagt. Voor 1 jeans is er bijvoorbeeld 10.000 liter water nodig. Ten tweede zorgen de lage winkelprijzen ervoor dat de productie zo goedkoop mogelijk moet gebeuren. Daarom wordt deze vaak verplaatst naar landen zonder een sterk vakbondsbeleid zoals Bangladesh. Daar moeten de arbeiders zich uitsloven in slechte werkomstandigheden en met extreem lage lonen.

Kledingswinkel vol met mensen.
© Shutterstock

Slow fashion doet precies het omgekeerde. Een slow fashionista weigert een kledingstuk te kopen enkel omdat het weinig kost. In plaats daarvan gaat hij of zij op zoek naar duurzame kledij die langer meegaat. Geen uitpuilende kleerkast vol miskopen meer, maar in plaats daarvan een zogenaamde ‘capsulekleerkast’. Deze bestaat uit een beperkt aantal kledingstukken die je onderling gemakkelijk kunt combineren. Zo kan je variëren met je kledij, zonder er verspillend mee om te gaan.

 

Ga tweedehands

Jaarlijks wordt er 4 miljard kilo kleren ongedragen weggegooid. Na een korte levensduur, belanden drie op vier kledingstukken op de vuilnishoop. Slechts een kwart wordt gerecycleerd. Nochtans zouden we deze kledij probleemloos kunnen hergebruiken. Hergebruik heeft als voordeel dat we niet opnieuw verspillende productiematerialen zoals katoen, verfstoffen en bleekmiddelen moeten benutten. Ook bespaar je op deze manier water en vervuiling door transport.

Je kunt makkelijk tweedehandswinkels vinden. Zo bevindt er zich in elke grotere stad wel een Oxfam, Kringwinkel, Spullenhulp of Think Twice. Een overzicht van alle kringwinkels in België per locatie vind je op deze site.  

Je moet zelfs niet altijd je portefeuille bovenhalen om tweedehands kledij aan te schaffen. Je kan namelijk ook meedoen aan de moderne variant van ruilhandel genaamd Swishing. Zo raak je af van dat ene topje dat je nooit draagt en krijg je er zomaar gratis een ander voor in de plaats. Op de website Swishing vind je waar en wanneer er een kledingruilevenement plaatsvindt. Als deze data niet passen, kan je altijd zelf een kledingruil organiseren met je vrienden.

Als je denkt aan alle materialen en werkkrachten die nodig zijn om het kledingstuk te maken, lijkt er iets niet te kloppen met dat prijskaartje.

Wees kritisch wanneer je iets koopt

Als je toch beslist iets nieuws aan te schaffen, sta je best even stil om na te denken over je aankoop. Waar komt het kledingstuk vandaan? In welke werkomstandigheden is het gemaakt? En wat is dus de impact van jouw aankoop?

Zo is het bijvoorbeeld erg verleidelijk om een T-shirt voor één of twee euro mee te graaien. Maar als je denkt aan alle materialen en werkkrachten die nodig zijn om het kledingstuk te maken, lijkt er iets niet te kloppen met dat prijskaartje. Sara Ceustermans, woordvoerster van de ngo Schone Kleren (zie kader), is dan ook sceptisch over de lage prijzen waarmee veel kledingmerken reclame maken: ‘Er zijn zoveel factoren die de prijs van een kledingstuk, hoe simpel ook, al snel doen oplopen. De basisgrondstof – katoen – is al niet goedkoop. En je moet daarbovenop allerlei kosten rekenen: de productiekosten, de kosten voor het transport, de huur en inrichting van de winkels én de btw. Hoeveel winst kan je dan als winkelketen nog overhouden als je volgens de regels produceert?’

 

Check het label

Stel, je zet vraagtekens bij de lage prijs van het T-shirt. Daarom neem je het toch niet zomaar mee. Je besluit eerst na te gaan waar en hoe het kledingstuk precies geproduceerd is. In dat geval check je als eerste logische stap het label.

De plaats waar het kledingstuk gemaakt werd, lijkt alvast een goede indicatie te geven van hoe ethisch het product is. Zo worden kleren met het label “Made in Taiwan” of “Made in Bangladesh” met meer argwaan bekeken dan deze waar bijvoorbeeld “Made in Italy” opstaat.

Wees echter voorzichtig met het trekken van dat soort conclusies. De criteria om te voldoen aan een “Made in”-label zijn namelijk helemaal niet zo moeilijk te vervullen. Dat ontdekte de modewebsite Business of Fashion toen ze de praktijken van verschillende bekende modehuizen rond de “Made in”-labels onderzocht.

Zo volstaat het dat een T-shirt met het label “Made in Italy” in Italië verpakt is. Andere processen zoals kleuring, eindafwerking en kwaliteitscontrole kunnen zich eender waar hebben afgespeeld. Bovendien zijn kleren gemaakt in ontwikkelingslanden niet per definitie onethisch. Kleren die het label ‘Made in Europe’ dragen, staan bovendien niet garant voor eerlijke praktijken. Een ingewikkelde zaak dus.

Toch kan je ook veel te weten komen door naar het label te kijken. Hier vind je namelijk de keurmerken waaraan het merk voldoet. Als je op het label de volgende keurmerken ziet, kan je er zeker van zijn dat het kledingstuk op een ethischere manier is geproduceerd:   

logo Fair Wear Foundation
               

Fair Wear Foundation

De FWF is een vereniging die alle producties controleert en kledingbedrijven begeleidt naar een meer ecologische mode. Enkele Belgische bedrijven hebben zich ondertussen ook al aangesloten. Onder andere JBC, Bel&Bo, Cotton Group en  Mayerline hebben op deze manier duidelijk gemaakt dat ze staan voor duurzaam ondernemen. Het is natuurlijk niet zo dat een bedrijf dat deelneemt aan het Fair Wear-programma sowieso 100 procent ethische producten levert. Lid worden van het FWF betekent wel dat je inspanningen levert om vooruitgang te boeken. En dat is al een stap in de goede richting. Een volledig overzicht van de bedrijven die deelnemen aan dit initiatief vind je hier.

Logo Fairtrade
                 

Fairtrade International

Fairtrade is een internationaal label voor eerlijke handel met het Zuiden. Het legt voornamelijk een hele reeks sociale criteria op voor onder andere katoenteelt. Daartoe behoren een verbod op dwangarbeid, vakbondsvrijheid, gegarandeerd minimumloon, verbod op kinderarbeid en een werkweek van maximaal 48 uur. Producenten krijgen een minimumprijs voor hun producten waarmee ze de kosten kunnen dekken van een duurzame productie.

Fairtrade is ook een milieulabel. Zo doen de bedrijven met het label inspanningen om biokatoen te gebruiken en om traditionele veredelingsprocessen (minerale verven of op basis van plantenextracten) toe te passen. Genetisch gemodificeerde organismen mogen niet gebruikt worden. De meest schadelijke pesticiden evenmin. Het gebruik van kunstmest is wel toegelaten bij dit label.

Logo ecolabel.
                  

Ecolabel

Het ecolabel wordt toegekend aan kleding die milieuvriendelijk geproduceerd is. Het ecolabel stelt grenzen aan het gebruik van chemische stoffen in kleding. Het gebruik van vezels uit biologische landbouw wordt dan weer bevorderd. Nadeel is dat de eis van biokatoen hier niet wordt gesteld.

Logo Gots
          

Global Organic Textile Standard (GOTS)

Het Gots keurmerk wordt langzaamaan de internationale minimumnorm. De norm is opgesteld door IVN (Duitsland), OTA (VS), JOCA (Japan) en Soil Association (UK). Er zijn momenteel ongeveer vijftien controle-organisaties die toezien op het naleven van de norm. Kledingstukken met dit keurmerk zijn vervaardigd met milieuvriendelijke chemicaliën. Het percentage biologische vezels moet minstens 70 procent zijn en staat vermeld op het etiket. Ook stelt GOTS sociale eisen zoals het verbod op kinderarbeid en veilige werkomstandigheden.  

Logo oeko-tex
                     

OEKO-TEX 100

Oeko-Tex 100 is een internationaal milieulabel voor textiel. Het garandeert dat kleren geen resten van pesticiden of zware metalen bevatten. Let wel, Oeko-Tex 100 is geen sociaal label. Het houdt dus geen rekening met arbeidsomstandigheden.

 

Kies voor materialen met een lage impact

Het materiaal waaruit een kledingstuk gemaakt is, kan een enorme invloed hebben op het milieu. Zo gaat de productie van onder meer katoen, polyester en denim (jeansstof uit katoen) gepaard met een hoog energieverbruik en vervuiling. Er wordt steeds vaker geëxperimenteerd met alternatieve stoffen die milieuvriendelijker zijn.

Vrouw met masker in katoenveld.
© Shutterstock

De bekendste daarvan is biologisch katoen. Deze stof biedt heel wat voordelen tegenover gewoon katoen. Zo wordt er bij het telen geen gebruik gemaakt van chemische pesticiden en kunstmeststoffen. Ook werkt men bewust met gewasrotatie. Dat zorgt ervoor dat de bodem vruchtbaar en de biodiversiteit beschermd blijft. Tot nu toe is slechts 1 procent van de totale katoenteelt biologisch. Als we gewone katoen vervangen door biologisch katoen, zou dat een enorm verschil betekenen voor het milieu.

Er bestaan nog verschillende andere alternatieve materialen waar je misschien zelfs nog nooit aan gedacht hebt. Zo bestaat er bijvoorbeeld een natuurlijk gelooide variant van leer. Die wordt gecreëerd op basis van natuurlijke looiprocessen die gebruik maken van bijvoorbeeld tannine en visolie. Ook het gebruik van vissenleer wordt steeds populairder. Leer van de huid van baars, zalm, zeewolf, rogge of kabeljauw zou zelfs sterker zijn dan klassiek leer.

Ook hennep is een duurzamer materiaal. De hennepplant groeit namelijk razendsnel en heeft daar geen kunstmest, pesticiden of irrigatie voor nodig. Waar een hectare katoen 300 tot 1100 kilo vezels oplevert, is dat bij hennep 1200 tot 2000 kg. Ook zouden kleren gemaakt uit dat materiaal langer meegaan. Ten slotte is er nog het grote voordeel dat hennep biologisch afbreekbaar is.

Voor dezelfde reden wordt de bamboeplant steeds populairder in de textiel industrie. Net als hennep groeit bamboe snel zonder chemische stoffen of grote hoeveelheden water. Het nadeel is dat bamboe vaak via een chemische methode tot textielvezels omgezet wordt. In dat geval worden er chemicaliën gebruikt die grond en water kunnen vergiftigen. Zo ontstaat de stof viscose. De mechanische methode om bamboe in een stof te veranderen is veel milieuvriendelijker. Controleer dus zeker hoe de stof ontgonnen is voor je iets koopt met het label bamboe. Ook is er nu een duurzamere variant van viscose op de markt, EcoVero genaamd.

Lyocell is dan weer een vezel gemaakt van houtcellulose of pulp. Deze boom groeit snel en behoeft geen chemische producten om er vezels uit te halen. Ook aan het maken van de stof komen geen toxische middelen te pas. Lyocell is zowel recycleerbaar als biologisch afbreekbaar. Een laatste voordeel is dat je de stof kan wassen op lage temperaturen. Zo kan je kleren in dit materiaal duurzaam onderhouden.

Er wordt constant verder gezocht naar nieuwe, innovatieve en duurzame materialen. Het Nederlandse bedrijf Dutch aWEARness heeft bijvoorbeeld de synthetische stof Returnity (gemaakt uit gerecycleerd polyester) ontwikkeld. Het Duitse Qmilch Deutschland GmbH maakte in 2011 een melkvezel genaamd Qmilk. Een ander vernieuwend materiaal is Piñatex. Deze stof wordt gemaakt uit ananasbladeren en kan gebruikt worden als alternatief voor dierlijk leer. Verder is CRAiLAR-vlas een duurzamere methode om vlas te verwerken die weinig chemicaliën en water vraagt, zachter is dan katoen en gelijkaardige eigenschappen heeft als polyester.

Hoewel deze alternatieve materialen vaak een pak duurder zijn, is het zeker de moeite daarin te investeren. Minder chemische stoffen betekent een betere gezondheid van de boeren, de grond en het milieu in het algemeen. Ook gaan deze stoffen vaak langer mee en zijn ze gemakkelijker te onderhouden, waardoor je ook op lange termijn minder verbruikt.

Laat je helpen

Je kan dus al heel wat informatie over de duurzaamheid van kledingstukken zelf afleiden. Toch blijft het een ingewikkelde zaak. Sommige zaken kan je nu eenmaal niet weten als je geen expert bent. Gelukkig hebben enkele websites en apps een groot deel van het onderzoekswerk al voor jou gedaan:

Good On You

‘De keuzes die we maken in de winkels hebben een grote impact op het milieu, de planeet en de arbeidsvoorwaarden van werknemers. Daarom maakten we de app Good On You, zodat het gemakkelijker wordt voor consumenten om ethisch te kunnen winkelen’, klinkt het op de website van de app. Via de app kan je te weten komen hoeveel een zeker bedrijf scoort op vlak van ethiek en ecologie. Ook leert de gebruiker nieuwe merken kennen die wel ethisch verantwoord zijn.

Fair Fashion

Fair fashion is een app die ontstaan is op initiatief van de Schone Kleren Campagne. Een jaar lang onderzocht deze campagne de werkomstandigheden van textielwerkers van grote kledingmerken. Meer dan 140 kledingmerken werden geanalyseerd. De resultaten van dat grootschalige onderzoek zijn te vinden op de app en kunnen je helpen de juiste beslissingen te maken tijdens je volgende shoppingtrip.

Rank a Brand

Ook op Rank a Brand kan je verschillende kledingmerken met elkaar vergelijken. Alle merken worden gerankt op een schaal van A tot F. Zo probeert deze website competitie tussen merken aan te moedigen op vlak van duurzaamheid en ethisch verantwoordelijkheid.

Ecoplan

Op de Ecoplan website vind je een overzicht van alle winkels in Vlaanderen waar je ethisch kan shoppen. Op ecoplan.be kan je zelf op de kaart gaan zoeken naar ethische (kleer)winkels en controleren welke modeketens zich ecologisch engageren.

Als we merken steunen die zich inzetten voor een ethischere mode, maken we een weloverwogen keuze. En die keuze heeft consequenties.

Sarah Vandoorne

Stel vragen

Klant is koning. Winkeliers willen dat je blijft terugkomen. Als ze merken dat de klant het belangrijk vindt dat de kleren die hij of zij koopt niet ten koste gaan van arbeiders of van het milieu, voelen ze de druk om dat te veranderen. Blijf dus zeker vragen stellen wanneer je niet duidelijk kan afleiden van het label hoe iets geproduceerd is. Stuur zelfs eens een e-mail naar het kledingmerk waarvan je iets wil kopen. Hoe zijn de werkomstandigheden van de persoon die dat heeft gemaakt? Welk effect heeft de productie van dit kledingstuk gehad op het milieu? Als je dat soort vragen blijft stellen, heb je de macht dingen te veranderen.

Verkoopster in kledingwinkel geeft uitleg aan klant.
© iStock

De zoektocht naar Fair Fashion is dan wel met momenten ontmoedigend. Toch is ze zeker de moeite waard. Dat benadrukt Sarah Vandoorne, journaliste en expert inzake eerlijke kledij: ‘Vergelijk het met het kiezen voor een vegetarisch dieet. Door neen te zeggen aan dat stukje vlees los je niet plots alle problemen in de voedingsindustrie op. Wat je wel doet, is tonen dat er vraag is naar een alternatief. Zo zet je iets in beweging. Hetzelfde geldt voor Fair fashion. Als we merken steunen die zich inzetten voor een ethischere mode, maken we een weloverwogen keuze. En die keuze heeft consequenties.’

De Schone Kleren Campagne

 

De Schone Kleren Campagne is een koepelgroepering die zich inzet voor arbeiders in de wereldwijde mode-industrie. Ze moedigt kledingketens en politici aan hun verantwoordelijkheid te nemen en de werkomstandigheden van textielarbeiders te verbeteren. Ook geeft ze de consument informatie zodat deze bewuster kunnen shoppen. Veel leden van de Schone Kleren Campagne (Oxfam, Wereldsolidariteit, vakbonden…) zijn partners van de Belgische Ontwikkelingssamenwerking. De Franstalige tegenhanger is achACT.

Fair trade Mode
Terug naar dossier
Imprimer
In dezelfde categorie - Artikel 4 /33 Vlot geld sturen naar het Burundese platteland