EU klimaatneutraal in 2050

Chris Simoens
27 maart 2019
Wist je dat de Europese Commissie een degelijk uitgewerkte en haalbare klimaatstrategie klaar heeft? Doel: klimaatneutraal zijn in 2050 en de opwarming beperken tot 1,5°C. Glo.be licht een tip van de sluier op.

De klimaatverandering is een feit. De laatste jaren sneuvelen de warmterecords bij bosjes, poolijs smelt. Het VN-klimaatpanel (IPCC) stelde het in haar recent rapport dan ook onomwonden: we moeten dringend heel ingrijpende maatregelen treffen. Want als we de opwarming onder de 1,5°C willen houden, mag er in 2050 netto geen CO2 (koolstofdioxide) bijkomen in de atmosfeer.

Toch rijden we vandaag vooral nog met benzine of diesel. En we verwarmen onze huizen vaak met gas of stookolie. Fossiele brandstoffen dus die veel CO2 – het voornaamste broeikasgas - in de lucht brengen. We moeten ervan af, maar hoe? Bestaan er alternatieven die voor iedereen betaalbaar zijn?

Velen hebben de indruk dat de overheid traag reageert, ondanks de urgentie. Dat zorgt voor onrust, zeker bij de jongeren. Zij zien het schrikbeeld opdoemen van een onbewoonbare wereld in 2050. En toch. Het klimaatakkoord van Parijs blijft technisch op schema. Alleen de klimaatambitie moet flink hoger. Veel landen maken daarom ernstig werk van een verregaand klimaatplan. Zo ook de Europese Unie.

De minutieus uitgewerkte strategie bouwt voort op technologieën die vandaag al beschikbaar zijn. Sommige staan nog in de kinderschoenen, maar ze bestaan al.

Een haalbare strategie

In november 2018 maakte de Europese Commissie haar voorstel bekend voor een klimaatstrategie op lange termijn voor de Europese Unie (EU). Daarmee wil ze als eerste grote economie klimaatneutraal zijn tegen 2050. Meteen voldoet ze aan de vereisten om de opwarming te beperken tot 1,5°C.

Het goede nieuws? Het is haalbaar. De minutieus uitgewerkte strategie – goed voor 393 pagina’s – bouwt voort op technologieën die vandaag al beschikbaar zijn. Sommige – zoals opslag van elektriciteit in batterijen – staan nog in de kinderschoenen, maar ze bestaan al. Wel zal nog veel onderzoek en innovatie nodig zijn, maar dat is niet onoverkomelijk.

De strategie schildert evenmin een ideale wereld waar de mensheid nooit aan kan voldoen. Dus geen aanname dat iedereen vegetariër wordt of nauwelijks reist. Ook niet dat de kernenergie volledig uitdooft. Voor het aandeel kernenergie hebben de EU-ambtenaren zich simpelweg gebaseerd op de bestaande plannen van de lidstaten voor 2050. Bovendien hoeven we niet terug te keren naar middeleeuwse leefomstandigheden.

 

De EU-strategie voorziet niet dat kernenergie volledig uitdooft. Ze baseert zich daarvoor op de bestaande plannen van de lidstaten.

Een reeks zonnepanelen met op de achtergrond een kerncentrale in Tjechiê.
© Shutterstock

8 scenario’s

Toch omvat de EU-strategie veel meer dan het doortrekken van de huidige trends. Ze stelt echt wel een diepgaande transformatie voor, van technologieën én gebruiken. Er werden 5 basisscenario’s uitgedokterd met elk een andere accent (zie kader). Eén scenario zet vooral in op elektrificatie, de andere op energie-efficiëntie, grootschalige productie van waterstofgas (H2), kringloopeconomie (hergebruik en recyclage) of e-brandstoffen.

E-brandstoffen (‘e-fuels’) zijn analoog aan fossiele brandstoffen, alleen worden ze door de mens gemaakt met hernieuwbare energie. Met name door samenvoegen van H2 (ontstaan door elektrolyse, een chemisch procedé) en CO2 (koolstofgas uit de lucht of ontstaan na verbranding). Na verbranding van de e-brandstoffen komt weliswaar CO2 vrij, maar netto komt geen extra koolstof in de atmosfeer.

In alle 5 scenario’s daalt de uitstoot van broeikasgassen met 80%. Een 6de scenario combineert elementen van de 5 eerste scenario’s en komt tot een daling met 85%. Bij beide hoort ook de mogelijkheid om koolstof – voor een waarde van 5% - op te slaan in bossen, planten en bodem (de zogenaamde natuurlijke ‘koolstofput’ of ‘sink’). Dat komt dan respectievelijk op -85% en -90%. Nog steeds geen 100%.

 

Zicht op een zolder die geïsoleerd wordt.
© iStock

Koolstofopvang en -opslag

De EU-strategie gaat er immers van uit dat er altijd een minimale hoeveelheid broeikasgassen zal uitgestoten worden. Zo zal de landbouw onontbeerlijk blijven, niet alleen voor de productie van voeding, maar ook van vezels voor de industrie en biomassa voor de opwekking van energie. En landbouw is de voornaamste bron van de broeikasgassen methaan (koeien) en N20 of lachgas (overbemesting).

Hoe kunnen deze onvermijdelijke broeikasgassen gecompenseerd worden? Scenario 7 (1.5TECH) combineert vooral de verbranding van duurzame biomassa met ‘koolstofopvang en –opslag’ (CCS of Carbon Capture and Storage). De CO2 die vrijkomt wordt opgevangen en kan daarna definitief in de grond worden opgeslagen. Anderzijds kan C02 ook als grondstof gebruikt worden, bijvoorbeeld om plastics of bouwmateriaal te maken.

Scenario 8 (1.5LIFE) ten slotte streeft naar een daling van 100% door: (1) nog zuiniger of ‘rationeel’ energieverbruik (verwarming wat lager zetten, enkel die kamers verwarmen die nodig zijn…), (2) alternatieven aanbieden voor vliegverkeer (treinverkeer voordeliger maken, minder businesstrips door video-conferences…) en (3) minder vleesgebruik op basis van de huidige trends. Het voorgestelde vleesgebruik is bovendien in overeenstemming met de aanbevolen hoeveelheid rood vlees door de Wereldgezondheidsorganisatie.  

In Bouwstenen voor een klimaatneutraal Europa geven we meer voorbeelden van hoe de EU die drastische daling van de broeikasgassen wil bereiken. Feit is dat scenario’s 7 en 8 voldoende ver gaan om de opwarming van de aarde te beperken tot 1,5°C.

 

Een HST-trein in het station van Hamburg.
© iStock

Kosten en baten

Natuurlijk hangt er een prijskaartje aan een dergelijke vergaande transitie. Zo zullen de investeringen in het energiesysteem verhogen van de huidige 2% van het bbp naar 2,8% van het bbp van de EU. Dat komt neer op een verhoogde jaarlijkse investering van 175 à 290 miljard euro, tegenover het referentiepunt. De EU heeft al diverse investeringsgelden voorzien die de economie doelgericht moeten veranderen.

Maar we mogen ons zeker niet blind staren op deze kosten. De investeringen zullen de EU immers ook heel wat voordelen opleveren. Zo zullen dankzij de investeringen veel minder fossiele brandstoffen ingevoerd worden. Dat moet leiden tot een besparing van naar schatting 2000 tot 3000 miljard euro over de periode 2031-2050. Tegen 2050 zal de EU immers nog slechts voor 20% van zijn energie afhangen van invoer. Vandaag bedraagt dat nog 55% (vooral olie en gas). Met strikte klimaatmaatregelen zal de EU ook veel klimaatrampen en dus kosten kunnen voorkomen.

De klimaatstrategie gaat ook samen met een grotere zorg voor het milieu. Elektrische auto’s zullen de steden minder vervuilen, de oceanen zullen properder zijn, bomen en groen zorgen voor gezondere lucht, de biodiversiteit krijgt meer kansen... Dat alles zal zijn impact hebben op de gezondheid van de mensen, onder meer door minder longaandoeningen en kanker. En dus ook hier een besparing.

Dankzij de investeringen zullen veel minder fossiele brandstoffen ingevoerd worden. Dat moet leiden tot een besparing van naar schatting 2000 tot 3000 miljard euro over de periode 2031-2050.

Eerlijke transitie

De EU-strategie legt er ook heel sterk de nadruk op dat de transitie eerlijk moet verlopen. Er moeten maatregelen uitgewerkt worden die de kwetsbaren sparen. Het plan kan immers alleen maar slagen als iedereen mee doet. Dus ook de minder gegoeden moeten volop kunnen meegenieten van de mogelijkheden om koolstofzuiniger te leven.

Verder sluit de EU-strategie geen economische groei uit, integendeel. De EU-economie zou in 2050 ruim dubbel zo groot zijn als in 1990, zelfs als ze koolstofneutraal wordt. Er zouden ook heel wat ‘groene’ jobs gecreëerd worden. De steenkoolsector en de olie-ontginning zullen natuurlijk lijden onder de transitie, maar daar staan dan bijkomende jobs tegenover. Andere sectoren – de auto-industrie en energie-intensieve industrieën zoals cement, chemie en staal - zullen vernieuwde processen moeten gebruiken. Het personeel zal er nieuwe vaardigheden moeten leren.

 

Iedereen doet mee

De strategie kan alleen maar slagen als iedereen meedoet. Elke sector zal zich moeten aanpassen, elke individuele burger zal nieuwe gewoontes moeten aankweken. Een elektrische wagen opladen in plaats van gaan tanken bijvoorbeeld. Maar de nodige gedragsverandering is nooit extreem.

De EU zal hoe dan ook inspanningen leveren om alle burgers mee te krijgen. Daarvoor zal ze onder meer een beroep doen op sociaal rechtvaardige milieubelastingen. Ze wil ook een prijs plakken op koolstofuitstoot en de subsidieregels aanpassen. De EU rekent sterk op de steden, die ook vandaag al een voortrekkersrol spelen.

Natuurlijk vormt de EU geen eiland. Ze kan niet op haar eentje de opwarming van de aarde beperken tot 1,5°C. Alle landen moeten meedoen als het opzet wil slagen. Daarom zal de EU sterk inzetten op ‘energie- en klimaatdiplomatie’ en internationale samenwerking. Ze wil een voorbeeld zijn dat andere landen meetrekt. En de ontwikkelingslanden zullen steun krijgen om hen op weg te helpen naar een klimaatneutrale samenleving.

 

Een hoop metaalschroot met bulldozer.
© Shutterstock

En verder?

De Europese Raad moet dit jaar nog de knoop doorhakken over het ambitieniveau. Daarna kan het echte plan uitgewerkt worden: hoe willen we dat bereiken? Daar zullen de lidstaten mee over kunnen discussiëren. De EU wil er zelfs een breed debat van maken waar iedereen bij betrokken is: EU-instellingen, nationale parlementen, bedrijven, niet-gouvernementele organisaties, steden en gemeenten, en natuurlijk ook de burgers, waaronder in het bijzonder de jeugd. Dat moet uiteindelijk leiden tot een ambitieus klimaatplan dat de EU begin 2020 wil indienen bij de VN-Klimaatcommissie (UNFCCC).

 

Kom meer te weten over de componenten van de EU-klimaatstrategie in Bouwstenen voor een klimaatneutraal Europa of lees een samenvatting van de EU-klimaatstrategie.

Met dank aan Koen Meeus (Federale Dienst Klimaatverandering) en Niels De Schampheleire (Vlaams Energieagentschap) voor de input.

De 8 scenario’s

 

De EU-klimaatstrategie stelt 8 scenario’s voor.

 

Voor alle scenario’s geldt: geavanceerde duurzame brandstoffen, digitalisering, een zekere mate van kringloopeconomie (hergebruik en recyclage), meer efficiënte vervoersystemen, geleidelijk uitbouwen van technologieën met lage koolstofuitstoot (‘al doende leren’), hogere energie-efficiëntie na 2030, koolstofopvang na 2050. Kernenergie blijft in beperkte mate in gebruik.

 

  1. Elektrificatie (ELEC)

 

In alle sectoren gebeurt een verregaande elektrificatie: vervoer, industriële processen en zo meer. In gebouwen worden vaak warmtepompen gebruikt.

[-85%]

 

  1. Waterstof (H2)

 

Waterstofgas wordt ingezet ter vervanging van fossiele brandstoffen voor verwarming, industriële processen, vervoer…

[-85%]

 

  1. Power-to-X (P2X)

 

E-brandstoffen en e-gas worden ingezet in de industrie, vervoer en gebouwen.

[-85%]

 

  1. Energie-efficiëntie (EE)

 

Er wordt vooral ingezet op verregaande energie-efficiëntie. De gebouwen worden veel meer gerenoveerd.

[-85%]

 

  1. Kringloopeconomie (CIRC)

 

Grondstoffen en materialen worden veel efficiënter gebruikt. De industrie recycleert en hergebruikt veel meer. Gebouwen zijn extra duurzaam.

[-85%]

 

  1. Combinatie (COMBO)

 

Dit scenario omvat een kostenefficiënte combinatie van de vorige 5 scenario’s.

[-90%]

 

  1. 1,5°C Technical (1,5TECH)

 

Zoals COMBO maar sterker en met meer opvang en opslag van koolstof. Beperkte toename van natuurlijke koolstofopslag (‘koolstofput’ of ‘sink’).

[-100%]

 

  1. 1,5°C Duurzame levensstijlen (1.5LIFE)

 

Een combinatie van COMBO en CIRC, maar sterker. Wijzigingen in levensstijl: minder vlees, alternatieven voor vliegverkeer, zuiniger verwarmen. De natuurlijke ‘koolstofput’ wordt versterkt (onder andere meer bossen).

[-100%]

 

Klimaat Europese Unie Klimaatakkoord
Terug Planeet
Imprimer
Over hetzelfde thema - Artikel 4 /17 Bouwstenen voor een klimaatneutraal Europa