Grove misdaden blijven niet langer onbestraft

Chris Simoens
01 juli 2013
De rol van het Internationaal Strafhof.

 

Met de komst van het Internationaal Strafhof in 2002 blijven genocide, oorlogsmisdaden en misdaden tegen de mensheid niet langer onbestraft.

De conflicten in de 20ste eeuw - de bloedigste eeuw uit de menselijke geschiedenis - gingen vaak gepaard met regelrechte wandaden. Vooral na WOII groeide het besef dat men dat niet zomaar kon laten voorbijgaan. De geallieerden richtten dan ook de tribunalen van Neurenberg en Tokyo op om de oorlogsmisdaden van de Asmogendheden (Duitsland, Italië, Japan) te berechten. En in 1948 erkende de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties (VN) de nood aan een permanent internationaal strafhof om soortgelijke gruwel te bestraffen. Het bleef voorlopig bij een intentie.

Niet verwarren!

 

Het Internationaal Gerechtshof is het belangrijkste gerechtelijke orgaan binnen de VN. Het buigt zich uitsluitend over gerechtsgeschillen tussen staten.

Het Internationaal Strafhof valt niet onder de VN, maar onder een verdrag. Het berecht genocide, oorlogsmisdaden en misdaden tegen de mensheid.

Maar de jaren 90 brachten nieuwe wreedaardigheden: de genocide in Rwanda en de oorlog in Joegoslavië. Weer werden tijdelijke tribunalen opgezet, onder de hoede van de VN. Tot in 1998 120 landen overeenkwamen om het eerste permanente internationaal strafhof op te richten. Wat op 1 juli 2002 een feit werd.

Sinds 2002 heeft het Internationaal Strafhof zijn zetel in Den Haag (Nederland). Het is een onafhankelijk strafhof dat niet onder de VN valt. Zijn rechtsgeldigheid steunt op een verdrag – het Statuut van Rome - dat tot nu toe door 122 landen werd bekrachtigd, waaronder België.

Thomas Lubanga aanhoort zijn veroordeling tot 14 jaar gevangenschap (juli 2012). 
© ICC-CP/Jerry Lampen/ANP

Grove misdaden

Het Internationaal Strafhof is bevoegd voor drie soorten misdaden die de internationale gemeenschap aanbelangen: genocide, misdaden tegen de mensheid en oorlogsmisdaden. Onder ‘genocide’ verstaat men wandaden tegenover een bevolkingsgroep, niet alleen door moord maar ook door bijvoorbeeld kinderen weg te halen of geboortes te voorkomen. Ook de termen ‘misdaden tegen de mensheid’ en ‘oorlogsmisdaden’ gaan verder dan moord. Onder meer gevangenneming, verkrachting, foltering en slavernij vallen er eveneens onder. Politici, ambtenaren en militaire bevelhebbers hebben geen immuniteit.

Het Hof vervangt allerminst de nationale strafrechtsystemen, het vult ze aan. Enkel die zaken worden behandeld die de naties zelf niet kunnen of willen uitvoeren. Bij een aanklacht zal het Hof telkens nagaan of de natie zelf niet de zaak kan beslechten.

Ook de slachtoffers van de misdrijven krijgen aandacht. Ze mogen deelnemen aan de procedures en hebben recht op schadeloosstelling. De deelnemende landen hebben daartoe een fonds opgericht.

 

Uitspraken en zaken

Tot nu toe heeft het Hof twee uitspraken gedaan. In 2012 werd de Congolese ex-politicus en militair commandant Thomas Lubanga veroordeeld, onder meer voor het inzetten van kindsoldaten. Rebellenleider Ngudjolo Chui, eveneens uit DR Congo, werd vrijgesproken bij gebrek aan bewijzen. In acht landen worden zaken onderzocht: Soedan, DR Congo, Oeganda, de Centraal-Afrikaanse Republiek, Kenia, Libië, Ivoorkust en Mali[1]. Daarnaast worden een aantal situaties aan een vooronderzoek onderworpen in Afghanistan, Colombia, Korea, Georgië, Guinea, Honduras, en Nigeria.

 

[1] De bekendste zijn: J.-P. Bemba, ex-vice-president van DR Congo; Laurent Gbagbo, ex-president van Ivoorkust en zijn echtgenote, Simone Gbagbo; Omar Al-Bashir, de huidige president van Soedan, en U. M. Kenyatta, de huidige president van Kenya.

Ngudjolo Chui wordt vrijgesproken wegens gebrek aan bewijzen (mei 2012).

Ngudjolo Chui wordt vrijgesproken wegens gebrek aan bewijzen (mei 2012)
© ICC-CP

Niet universeel

Het Internationaal Strafhof ontsnapt zeker niet aan kritiek. Stemmen vooral uit Afrika vinden dat het Hof enkel uit is op Afrikaanse landen. Daar staat tegenover dat het wel degelijk situaties onderzoekt op andere continenten. Een zwak punt blijft hoe dan ook dat het Hof in principe enkel actief kan zijn in landen die partij zijn bij het verdrag. Zo kan het Hof niet optreden in Syrië omdat dat land het verdrag niet bekrachtigd heeft. Enkel als Syrië alsnog het Hof zou erkennen of de VN-Veiligheidsraad de zaak zou doorverwijzen, kan het Hof een onderzoek over Syrië opstarten.

Ook een aantal grote kleppers zoals de VS, China en Rusland zijn nog geen partij. De drie landen nemen wel deel aan de vergaderingen als waarnemende staten. En de Amerikaanse president Obama heeft zich een duidelijk voorstander getoond van het Hof. Een ander teken van internationale erkenning is het feit dat de VN-Veiligheidsraad twee zaken (Soedan en Libië) naar het Hof heeft doorverwezen.

 

Uitbreiden of inperken?

Velen willen de bevoegdheden van het Hof uitbreiden tot onder meer terrorisme en piraterij. Anderen stellen dan weer dat het Hof al te veel taken op zich neemt. Er zou veel tijd verloren gaan met uit te zoeken of het land zelf niet het proces kan uitvoeren en met de schadeloosstelling van de vaak duizenden slachtoffers. Daarom zou het Hof zich beter beperken tot politieke leiders en militairen die nooit onpartijdig in hun eigen land kunnen berecht worden. Het is duidelijk dat het Internationaal Strafhof nog zijn definitieve vorm moet krijgen. Maar ondanks de onvolkomenheden heeft de internationale gemeenschap met het Hof een unieke instelling waardoor talrijke gruwelmisdaden niet langer straffeloos hoeven te blijven.

www.icc-cpi.int

Fatou Bensouda (Gambia) legt de eed af als Algemeen Aanklager (juni 2012)
© ICC-CPI/AP/Bas Czerwinski

België en het Internationaal Strafhof

 

België steunt het Hof actief sinds zijn oprichting. Zo heeft ons land meerdere bilaterale akkoorden afgesloten met het Hof. Een ‘interdepartementale cel’ (of Belgian Task Force) komt regelmatig bijeen, vaak voor spoedzittingen om snel en adequaat een antwoord te geven op vragen voor samenwerking met verschillende organen van het Hof. Als partij van het Statuut van Rome betaalt België een verplichte jaarlijkse bijdrage (voor 2013 1,75 miljoen euro). Ook het Fonds voor hulp aan slachtoffers krijgt geld van België. De Belgische Chris Van Den Wyngaert is als rechter verkozen voor een mandaat van 9 jaar, dat in maart 2018 afloopt. Ook andere Belgen nemen belangrijke posten in binnen de overige organen van het Hof.

Valérie Delcroix

Justitie
Terug naar dossier
Imprimer
In dezelfde categorie - Artikel 30 /30 Welke uitwegen voor de Sahel ?