Haven van Antwerpen aan het roer in Cotonou

Chris Simoens
16 mei 2019
Wist je dat de haven van Antwerpen momenteel het beheer van de haven van Cotonou (Benin) volledig in handen heeft? Vanwaar die interesse in Afrika? Glo.be had een gesprek met Kristof Waterschoot, managing director van Port of Antwerp International.

Sinds mei 2018 is de haven van Antwerpen officieel de ‘havenautoriteit’ van de haven van Cotonou (Benin). Gedurende 9 jaar staat een team van 9 mensen in voor het beheer van de West-Afrikaanse haven. Dat omvat het onderhoud en de renovatie van de haventerreinen en –infrastructuur, de facturatie en zo meer.

De Antwerpse haven zal ook de concessies onderhandelen met de bedrijven die van de haven gebruik mogen maken voor het laden en lossen van goederen. Cotonou, maar ook andere Afrikaanse havens, vertonen immers een schrijnend gebrek aan ervaring op dat vlak. Geleidelijk zal het beheer overgedragen worden aan een lokale ploeg. Na 9 jaar zal de haven van Cotonou weer volledig in lokale handen zijn.

De haven van Antwerpen werkt er samen met Enabel, het Belgische Ontwikkelingsagentschap. Samen met de lokale autoriteiten wil het agentschap de concurrentiepositie van de haven en het ondernemerschap verbeteren.

Openbare aanbesteding

Doet de haven van Antwerpen dat uit liefdadigheid? ‘Toch niet’, zegt Kristof Waterschoot. Als managing director van Port Antwerp International is hij verantwoordelijk voor de buitenlandse activiteiten van de haven van Antwerpen. ‘We gingen gewoon in op een openbare aanbesteding die werd uitgeschreven door de Beninse regering. De president was het beu dat de haven zo zwak presteerde. We worden dus betaald voor het beheer van de haven.’

Toch zit er in Cotonou wel degelijk een luik ontwikkelingssamenwerking aan vast. De haven van Antwerpen werkt er immers samen met Enabel, het Belgische Ontwikkelingsagentschap. Samen met de lokale autoriteiten wil het agentschap de concurrentiepositie van de haven en het ondernemerschap verbeteren. Dat zal gebeuren via studies, opleidingen, adviesverlening en zo meer.

De samenwerking met Enabel sluit aan bij een grootschalig renovatieprogramma van de haven van Cotonou: 450 miljoen euro gedurende 2 à 3 jaar. ‘Het is het grootste havenproject in Afrika’, zegt Waterschoot. ‘De regering wil het land per se openen naar de buitenwereld en de verhouding import en export in evenwicht brengen. Zoals in de meeste Afrikaanse landen is de export in Benin zeer beperkt.’

Havens zijn cruciaal voor de ontwikkeling van een land. Net zoals een luchthaven zorgt een haven voor een connectie met het internationale economische systeem.

Motor economische groei

Havens zijn cruciaal voor de ontwikkeling van een land. ‘Net zoals een luchthaven zorgt een haven voor een connectie met het internationale economische systeem’, verduidelijkt Waterschoot. ‘Het gaat hem om de goederen die er passeren.’ Havens vormen een motor van economische groei omdat ze in- en uitvoer mogelijk maken.

Een haven heeft ook een grote impact op het dagelijkse leven. Waterschoot: ‘Afrika voert veel voedsel in, maar het is er heel duur, duurder dan in Europa. Dat is te wijten aan de inefficiënte logistiek: de hele keten van haven, douane, transport en zo meer. Een betere logistiek zou het voedsel veel goedkoper maken. Bovendien zit in sommige fragiele landen 30-50% van het bbp in de havens. De impact van de havens is er zeer groot.’

 

Zicht vanuit de lucht op de haven van Cotonou
Zicht op de haven van Cotonou                          © Port of Antwerp

 

Echte win-win

De haven van Antwerpen is ook actief in tal van andere Afrikaanse landen: Ivoorkust, Guinée-Conakry, Angola, Mozambique, Algerije, Marokko, Egypte, noem maar op. Vaak voert ze projecten uit die via openbare aanbestedingen verkregen werden. ‘Afrika is belangrijk voor Antwerpen’, zegt Waterschoot. ‘Weet je dat we 13% van onze handel in Afrika realiseren? Dat is evenveel als in het Midden- en Verre Oosten, China inbegrepen. Bovendien verwachten we er een sterke groei. In Europa zijn we marktleider op Afrika.’

‘Dus als we de Afrikaanse havens versterken, dan is dat ook goed voor ons. Ze zijn immers geen concurrenten, maar partners. Hoe sterker onze partners, hoe beter voor ons. Het is een echte win-win: een betere haven stimuleert de economische ontwikkeling in de Afrikaanse landen, en ook wij varen er wel bij. Overigens leren we door onze activiteiten ook hoe de handelsstromen in Afrika precies werken. Zo gaan er vanuit Mali niet alleen goederen naar Cotonou, maar ook naar Dakar. Die inzichten zijn nuttig voor ons.’

Weet je dat we 13% van onze handel in Afrika realiseren? Dat is evenveel als in het Midden- en Verre Oosten, China inbegrepen. Bovendien verwachten we er een sterke groei. In Europa zijn we marktleider op Afrika.

Kristof Waterschoot - PAI

Risico’s

Neemt de haven van Antwerpen dan niet veel risico door in Afrika actief te zijn? ‘Dat is zeker niet onze ervaring. We werken in een heel gereguleerde sector, reputatie is er alles. We ondervinden geen probleem met de betalingen en al evenmin met corruptie. In Afrika staan de havens rechtstreeks onder toezicht van de president. Als er mensen zogezegd geld vragen ‘in naam van de president’, dan bellen we even.’

Belgische bedrijven hoeven dus geen schrik te hebben om business te doen met Afrika? ‘Er is natuurlijk wel een politiek risico, maar dat kan je in België verzekeren via Credendo. Wat fiscaliteit betreft, daar moet je inderdaad voor opletten. Maar dat is evengoed het geval in Brazilië. Bovendien zijn in West-Afrika de wisselkoersen gemakkelijk om te zetten naar CFA… Kortom, ik zie niet per se grotere risico’s in Afrika dan in andere continenten.’

Ontwikkelingssamenwerking draait niet meer om pure hulp en liefdadigheid.

‘Winst is geen vuil woord’

Kristof Waterschoot is ook hoofd van APEC, het Antwerp Port Training Center. Deze vzw organiseert opleidingen van 2 weken voor buitenlanders. De thema’s variëren van baggertechnieken, beheer van een containerterminal tot milieubeleid. Jaarlijks komen er 800 mensen studeren van 150 nationaliteiten. En dat alles voor een schappelijke prijs van 3500 euro, alles inbegrepen behalve het vliegticket. ‘Met de opleidingen streven we geen winst na. We willen wel partnerhavens versterken en een netwerk uitbouwen. Dat verstevigt onze marktpositie.’

De activiteiten van de haven van Antwerpen sluiten aan bij een tendens die al langer bezig is: ontwikkelingssamenwerking draait niet meer om pure hulp en liefdadigheid. Minister van Ontwikkelingssamenwerking Alexander De Croo drukte het op een congres georganiseerd door BIO – de Belgische Investeringsmaatschappij voor Ontwikkelingslanden – in maart 2019 als volgt uit: ‘Als minister heb ik geprobeerd de tussenschotten tussen ontwikkelingssamenwerking en de private sector weg te werken. De vooruitgang in een samenleving komt immers voort uit economische groei. Het gaat er niet om de ontwikkelingssamenwerking te privatiseren, maar wel dat ze beter samenwerkt met de private sector. Winst mag geen vuil woord meer zijn, integendeel. Een gezonde, redelijke winst – zonder belastingontduiking of uitbuiting - is net een voorwaarde voor duurzaamheid.’

 

Zicht vanuit de lucht op de haven van Cotonou
Zicht op de haven van Cotonou                           © Port of Antwerp   

 

Ondernemerschap Transport Handel
Terug Economie
Imprimer
Over hetzelfde thema - Artikel 2 /6 Investeer in ontwikkeling