Honger naar land

Chris Simoens
01 augustus 2011
Het fenomeen ‘landroof’ verklaard
Steeds meer firma’s en landen palmen landbouwgrond in in ontwikkelingslanden. Alleen al in 2009 hebben ze een gebied verworven ter grootte van Frankrijk, 45 miljoen hectare. We zoomen in op het fenomeen.

 

Landroof, de (m.)

Fenomeen waarbij kapitaalkrachtige landen of firma’s grote oppervlaktes land opkopen of huren in ontwikkelingslanden om er voedsel of biobrandstoffen te kweken voor de export. Vertaling van het Engelse land grabbing.

 

Wie en waarom?

 

1. Voedselgebrek

De hoge voedselprijzen in 2008 maakten de landen met voedselgebrek extra bewust van hun probleem. Vooral de rijke maar droge olielanden uit het Midden-Oosten (Saoedi-Arabië, Qatar, Bahrein…) willen hun voedsel elders kweken. Ook het dichtbevolkte China, Zuid-Korea en India speuren naar landbouwland.

 

2. Biobrandstoffen

De Europese Unie wil dat tegen 2020 10% van de brandstoffen hernieuwbaar is. Maar Europese firma’s vinden binnen de EU te weinig land om biobrandstoffen te produceren. Ze gaan dus op zoek in het buitenland. Europees Commissaris van Handel Karel De Gucht ontkent dat.

 

3. Belegging

Door de toenemende bevolking en vleesconsumptie zit de vraag naar landbouwgrond in stijgende lijn, wat ook de prijzen doet stijgen. Vandaar de interesse van Europese en Amerikaanse pensioenfondsen en hefboomfondsen.

 

Waar?

Vooral Afrikaanse landen zijn in trek: Madagaskar, Ethiopië, Mali, Soedan, Mozambique… Afrika beschikt over veel en spotgoedkoop landbouwland en arbeidskrachten, en een gunstig klimaat. Ook buiten Afrika (Argentinië, Cambodja, de Filippijnen, Pakistan, Oekraïne…) worden landdeals geklonken. Vaak zijn het landen met vrij zwakke regimes.

 

Voordelen

Buitenlandse investeringen zorgen voor extra jobs, toegang tot technologie en markten, uitbouw van infrastructuur, betaling van belastingen en zo meer. Dat is ook een reden waarom regeringen toehappen. Toch geeft zelfs de Wereldbank toe dat deze voordelen in de praktijk vaak beperkt of onbestaande zijn. Zo creëert een sterk gemechaniseerde landbouw weinig werk en zijn beleggers niet geïnteresseerd in productie.

Vooral in arme families zijn de percelen dikwijls heel klein.

 

Risico’s

 

1. Voedselonzekerheid

De ‘beroofde’ landen verliezen land voor eigen gebruik terwijl hun bevolking toeneemt. Zelfstandige boeren worden aangeworven op de plantages als landarbeider zonder land. Ze kunnen dan zelf geen voedsel meer produceren.

 

2. Conflicten

De plaatselijke bevolking kan in opstand komen. In Madagascar moest president Ravalomanana door het enorme protest in 2008 aftreden. Hij had maar liefst 1,3 miljoen hectare land voor 99 jaar geleased aan het Zuid-Koreaanse Daewoo. Dit is de helft van alle landbouwgrond in zijn land. De landdeal werd afgeblazen. Ook in Ethiopië groeit het verzet.

 

3. Landdegradatie en milieuvervuiling

De kopers en huurders introduceren meestal monoculturen met een hoge input van scheikundige producten. Op termijn vernietigt dat de bodem, en de traditionele kennis.

 

Oplossingen

 

1. Landdeals onder strikte voorwaarden

De kopers en huurders dienen: alle belanghebbenden - ook de kleine boeren - in transparante onderhandelingen te betrekken, de lokale gemeenschap voor de onteigening te compenseren, het milieu te respecteren etc.

Een land kan ook normen vastleggen. Zo mogen buitenlanders in Brazilië niet meer dan een kwart van de grond in eenzelfde gemeente kopen of huren.

 

2. De landbouwstiel opnieuw aantrekkelijk maken

Kleine boeren – en hun kinderen – zullen hun land minder snel afstaan als hun stiel weer aantrekkelijk wordt. Dit kan onder meer door landhervorming, een goedkope ecologische aanpak en een betere stockering en verwerking van de oogst.

 

3. Landhervorming

Landeigendom in Afrika is heel complex. In veel Afrikaanse landen wordt landeigendom nog geregeld binnen de familie of het dorp. Vaak is een chef de eigenaar en regelt hij zijn zaken boven de hoofden van de boeren heen. Ofwel heeft de staat land in handen. Deze onzekere situatie demotiveert de boeren om te investeren in productiviteit. Vooral in arme families zijn de percelen dikwijls heel klein. Het land moet immers bij elke generatie onder de kinderen verdeeld worden.

Veel landen werken daarom – moeizaam - aan een landhervorming. Landhervorming gaat best gepaard met landverdeling, zodat arme boeren, vrouwen en inheemse volkeren beter aan hun trekken komen. Ook het nut van braakliggende (gemeenschaps)grond moet vastgelegd worden. Want boeren of herders laten er vaak hun vee grazen, of ze vinden er vruchten, brandhout of geneeskrachtige planten.

 

Belgische Senaat stemt resolutie over landroof

In een resolutie van mei 2011 vraagt de Senaat aan de Belgische regering om de partnerlanden bij te staan die met landroof geconfronteerd worden. De regering zou de partnerlanden moeten stimuleren om te kiezen voor familiale en duurzame landbouw. "We kunnen niet aan ontwikkelingssamenwerking doen zonder rekening te houden met landroof", zegt PS-senatrice Olga Zrihen, auteur van de tekst. "Een oplossing zou kunnen zijn om via de Verenigde Naties een modelovereenkomst voor te stellen voor de huur van gronden in het Zuiden.”

 

Rapports et information sur l'accaparement des terres

www.grain.org ('Seized: the 2008 land grab for food and financial security')

www.oaklandinstute.org ('The great land grab’)

www.ifad.org ('Land grab or development opportunity?’)

www.srfood.org (website van Olivier De Schutter, speciaal VN-rapporteur voor het Recht op Voedsel)

siteresources.worldbank.org ('Rising interest in farmland’)

Farmlandgrab.org (de ngo GRAIN verzamelt hier alle gegevens over land grabbing)

www.ifpri.org ('Land grabbing by foreign investors in developing countries')

www.foeeurope.org ('Africa: up for grabs')

 

Landroof
Terug Economie
Imprimer
Over hetzelfde thema - Artikel 15 /14 HONGER IN EEN WERELD VAN OVERVLOED