Iedereen ontwikkelingswerker?

Reinout Van Vaerenbergh
01 december 2011
Zijn de Belgen nog steeds solidair met het Zuiden? Het lijkt er sterk op van wel. Want steeds meer Belgen gaan zelf actief aan de slag als ontwikkelingswerker.

12 jaar geleden trok Herwig De Backer uit Denderleeuw voor het eerst naar Sri Lanka. Het ging om een inleefreis georganiseerd door de ngo Wereldsolidariteit. Geconfronteerd met de schrijnende toestanden waarin personen met een handicap verkeerden, was hij vastbesloten iets van zijn overvloed te delen met mensen die het echt nodig hadden. Met zijn vrouw en de steun van heel wat vrijwilligers richtte hij de vzw Waduwa op, waarmee ze nu twee projecten in Sri Lanka ondersteunen en begeleiden. Een dat kinderen met een beperking opvangt, en een ander dat opleidingen biedt aan weduwen en weeskinderen.

De opkomst van de vierde pijler

Het verhaal van Herwig is geen alleenstaand geval. Meer en meer Belgen richten hun eigen kleine ontwikkelingsorganisatie op. Een studie van het HIVA aan de KULeuven uit 2008 schatte hun aantal op 1.100 in Vlaanderen alleen. Zeer heterogeen in doelstellingen en achtergrond, hebben de initiatiefnemers (burgers, scholen, bedrijven, ziekenhuizen…) meestal als gemeenschappelijk kenmerk dat ze vooral zelf de handen uit de mouwen willen steken om de armoedeproblemen aan te pakken. Vaak is hun initiatief geïnspireerd door reizen naar arme gebieden en directe contacten met de mensen ter plaatse. Inmiddels hebben ze binnen het wereldje van de ontwikkelingssamenwerking als vierde pijlerorganisaties zelfs al hun eigen benaming.

Herwig De Backer erkent dat deze initiatieven vaak op zichzelf staan: "Precies omdat ze zo kleinschalig zijn, is iedereen vooral met z’n eigen ding bezig. Men wil niet teveel inmenging en het vooral klein, controleerbaar en beheersbaar houden. Toch willen we, door het goede voorbeeld te geven, bewijzen dat kleine initiatieven wel degelijk iets ten goede kunnen veranderen."

Alternatieve en nieuwe ideeën

Michèle Pieters, met de organisatie Gencoo actief in Malawi, ziet nog een andere reden: "Onze vzw is tot stand gekomen uit een diepgaande frustratie ten opzichte van het huidige ontwikkelingsparadigma en het onvermogen om te geloven dat de bestaande instellingen tot duurzame oplossingen kunnen komen. Net door zich afzijdig te houden van het officiële discours, bieden vierde pijlerorganisaties kansen voor alternatieven en het groeien van nieuwe ideeën."

Volgens Herwig De Backer hebben ze ook een groot voordeel bij het verbreden van het draagvlak van de Belgische bevolking voor ontwikkelingssamenwerking: "We genieten heel veel steun van de mensen hier uit de streek, temeer omdat we hen duidelijk kunnen uitleggen wat er concreet met hun geld gebeurt. Grote en professionele ngo’s lijken het hier moeilijker mee te hebben, omdat ze misschien meer op afstand staan en te log en weinig transparant overkomen."

Of een samenwerking met deze ngo’s mogelijk is, luidt zijn antwoord eerder gemengd: "Enerzijds merken we bij hen de vrees dat we met een deel van de middelen gaan lopen die de mensen over hebben voor ontwikkelingssamenwerking. We voelen ook - in sommige gevallen terechte - vooroordelen over onze manier van structuur en controle. Anderzijds zou een alliantie met ngo’s zeker nuttig zijn om de politieke druk in ontwikkelingslanden mee op te voeren richting meer democratie en eerlijke verdeling van de rijkdom."

Kennis en ervaringen delen

VAIS, het ontwikkelingsagentschap van de Vlaamse overheid, heeft in 2009 alvast een steunpunt opgericht voor de vierde pijlerorganisaties, in samenwerking met de koepelorganisatie van de Vlaamse ngo’s 11.11.11. Flora Joossens van VAIS ziet het steunpunt tegemoet komen aan een aantal heel concrete noden: "We zijn er in de eerste plaats om advies en informatie te verstrekken aan iedereen die in Vlaanderen met een eigen project bezig is. Via onze website kunnen de organisaties elkaar en hun bezigheden beter leren kennen, ervaringen en kennis uitwisselen, en via een helpdesk kunnen ze er ook terecht met concrete vragen."

Ook langs Franstalige kant wint het fenomeen van kleinschalige initiatieven aan omvang. Ze kunnen er terecht bij de Cellule d’Appui pour la Solidarité Internationale Wallonne, kortweg CASIW, en op 20 april 2012 gaat aan de Universiteit van Luik een studiedag door voor de 4de Pijler.

Herwig De Backer toont de plannen voor een nieuwe home voor kinderen met een beperking
© Waduwa
Terug naar dossier
Imprimer
In dezelfde categorie - Artikel 30 /30 Het kluwen van multilaterale instellingen ontward