Ik ben stratus 3, en jij?

Ellen Debackere
04 mei 2018
Wereldwijd blijft de ongelijkheid groeien. Toch vormt meer gelijkheid een belangrijke factor voor een meer stabiele en gelukkige samenleving. Maar hoe pak je ongelijkheid aan? Colombia - één van de meest ongelijke landen in Zuid-Amerika – laat de rijken voor de armen betalen. Nobel, maar werkt het ook?

Julietta poetst al enkele jaren. Elke ochtend staat ze voor dag en dauw op om precies om 5u ‘s ochtends de bus naar haar werk te nemen. De tocht telt slechts 15 kilometer, maar neemt liefst twee uur in beslag. De reden daarvoor is eenvoudig.  Net als duizenden anderen, woont Julietta in een ‘stratus 1-wijk’, zowat het armste district van Bogotá, de Colombiaanse hoofdstad. Maar zij gaat wel poetsen waar de rijke mensen wonen: in stratus 6. Dat Julietta niet de enige is die dagelijks vanuit het arme zuiden naar het rijke noorden van de stad pendelt, laat zich voelen in het verkeer.

De verzadiging van het verkeer als gevolg van de segregatie is natuurlijk maar één van de neveneffecten van het befaamde Colombiaanse stratussysteem. 35 jaar geleden ontstond immers het idee om de Colombiaanse bevolking op te delen op basis van de sociaaleconomische status. Doel: een systeem creëren waarbij de rijkste mensen de toegang tot nutsvoorzieningen subsidiëren voor de armsten. Het zaadje voor deze ideeën werd al in de jaren 1960 geplant, toen concepten als gelijkheid en solidariteit in de grondwet werden opgenomen.

De huishoudens in de Colombiaanse hoofdstad kregen bijgevolg een label van 1 tot en met 6 mee. Hoe hoger je stratus, hoe rijker je normaal gezien bent. De opdeling wordt echter niet op inkomen gebaseerd, maar wel op hoe je woning, én de buurt waarin die zich bevindt, eruitziet. Zowel de grootte van de voorgevel, eventuele voortuin en garage, de staat van het dak, als de dichtheid van de bebouwing en de kwaliteit van de publieke ruimte worden onder meer in rekening gebracht. In theorie kan een stratus 1-huis dus naast een stratus 6-woning liggen. Maar in praktijk treedt er heel wat meer segregatie en concentratie op.

Je stratus bepaalt hoeveel je voor water en energie betaalt, de rijke districten subsidiëren de arme. Vandaag betalen de bewoners van stratus 5 en 6 extra belastingen op nutsvoorzieningen, terwijl stratus 1, 2 en 3 subsidies ontvangen. Stratus 4 daarentegen betaalt niets bijkomends, maar ontvangt ook niets: zij betalen de waarde die de leverancier als kost voor de nutsvoorziening bepaalt. Een nobel idee. Maar werkt het ook?

De huishoudens in de Colombiaanse hoofdstad kregen een label van 1 tot en met 6 mee. Hoe hoger je stratus, hoe rijker je normaal gezien bent. De opdeling wordt echter niet op inkomen gebaseerd, maar wel op hoe je woning, én de buurt waarin die zich bevindt, eruitziet.

Verdeelde stad, verdeelde meningen

‘Het is wat mij betreft een erg sociaal systeem’, zegt Sebastian Joya Shaker, student ingenieurswetenschappen en inwoner van Bogotá. ‘Het wordt gefinancierd door de meest vermogende inwoners en het zorgt ervoor dat wij – in tegenstelling tot de rest van Zuid-Amerika – allemaal toegang hebben tot drinkbaar water’.

Toch is niet iedereen overtuigd van de efficiëntie van het systeem. ‘Het probleem is dat de huishoudens in de vijfde en zesde stratus een absolute minderheid vormen,’ legt professor Carlos Sepúlveda (Universidad del Rosario) uit. Sepúlveda onderzocht de economische kant van het stratussysteem in Bogotá en vond dat het niet meer zelfvoorzienend is. ‘Slechts 4% van de bevolking in de hoofdstad woont in de vijfde of de zesde stratus. Enkel zij dragen dus financieel bij aan het systeem,’ aldus Sepúlveda.

En dat is niet genoeg om het in stand te houden. ‘Er zijn momenteel te veel mensen die genoeg verdienen, maar niet willen overgaan naar een hogere stratus omwille van de hogere belastingen die ermee gepaard gaan,’ voegt Sepúlveda toe. ‘Dat leidt ertoe dat de staat moet bijspringen en het eigenlijk een erg duur systeem wordt. Om dat recht te trekken, moeten de technieken om de bevolking en hun inkomsten te meten, dringend bijgeschaafd worden.’

Betalingsformulier
© Ellen Debackere

Segregatie = discriminatie?

De financiële dimensie van het stratussysteem belicht evenwel maar één kant van het verhaal. Daarnaast wordt de sociale rangschikking er niet zelden van beschuldigd segregerend, en zelfs discriminerend, te werken. Volgens een studie van de Secretaría Distrital de Planeación leeft maar liefst 70% van de inwoners van Bogotá van de vierde, vijfde of zesde stratus in het noorden van de stad. Het zuiden van de hoofdstad wordt dan weer oververtegenwoordigd door mensen die tot de laagste stratussen behoren.

Dat zorgt niet enkel voor lange files richting plekken waar veel werk is, maar ook voor een erg duidelijke scheiding tussen arm en rijk. Dat valt het hardst op bij nieuwkomers. Mónica Parada is Venezolaanse en vluchtte zes maanden geleden met haar zesjarige zoontje naar Bogotá. Toen de jongen op zijn nieuwe school toekwam, was het eerste wat de andere kindjes hem vroegen ‘welke stratus hij was’. ‘Ik schrok heel hard toen ik dat hoorde,’ geeft Mónica toe, ‘en eerlijk, ik weet niet of ik wil dat mijn zoon in zo’n hiërarchische maatschappij opgroeit.’

Ook Julietta klaagt over het label dat het stratussysteem haar opkleeft: ‘Ik ben heel blij dat ik mijn water en elektriciteit aan verlaagde prijs krijg. Maar de manier waarop mensen op me neerkijken als ze horen dat ik stratus 1 ben, is hard en vernederend.’

Daarnaast verhindert het systeem volgens sommigen de sociale mobiliteit. Rocio Cárdenas - sociaal werker in de hoofdstad -denkt dat het erg moeilijk is om van één stratus naar een andere over te gaan: ‘Het zijn niet enkel je elektriciteits- en waterfacturen die plots veel duurder worden. Als je verhuist naar een hogere stratus, moet je ook meer betalen voor je huur, lokale supermarkt en school. Om dat aan te kunnen, moet je al een opvallende loonsverhoging gekregen hebben.’ Cárdenas is er daarom niet van overtuigd dat iedereen wel naar een hogere stratus wíl: ‘Waarom zou je meer betalen als het met minder ook kan? Ik denk dat sommige mensen daarom bewust hun huizen niet verzorgen. Ze worden opgevangen door het systeem.’

Volgens een studie leeft maar liefst 70% van de inwoners van Bogotá van de vierde, vijfde of zesde stratus in het noorden van de stad. Het zuiden van de hoofdstad wordt dan weer oververtegenwoordigd door mensen die tot de laagste stratussen behoren.

En de gelijkheid?

Daar is John González, socioloog en inwoner van Bogotá, het niet mee eens: ‘In Colombia hebben we geen systeem van uitkeringen, dus wordt er bijgevolg ook niemand ‘opgevangen’ door het systeem.’ Bovendien stelt González zich vragen bij de beschuldiging dat het systeem segregatie zou voortbrengen. ‘Het is een beetje zoals de vraag van de kip of het ei. Misschien was die segregatie er al? Het enige wat het systeem dan doet, is die realiteit verankeren?’

Wat het stratussysteem in ieder geval niet doet, is de ongelijkheid ingrijpend verminderen. Dat was nochtans één van de motieven om met de sociale rangschikking te starten. Waar de ongelijkheidsindex Gini voor Colombia in 1980 nog 0,58 bedroeg, was dat in 2002 0,57 en in 2016 0,52. Een daling dus, maar zeker niet sterker dan in de rest van Latijns-Amerika. Integendeel: Colombia, Costa Rica en de Dominicaanse Republiek behoorden in de periode 2002-2008 tot de groep landen met de kleinste daling van ongelijkheid.

Ondanks de nadelen, zal het evenwel heel moeilijk zijn om het stratussysteem in Colombia af te schaffen. ‘Het systeem zit niet enkel stevig vervat in de mentaliteit van de Colombianen, maar bovendien bestaat ook de politieke wil niet om iets te wijzigen. Het zou namelijk de werkwijze in heel veel instellingen beïnvloeden,’ verklaart Sepúlveda.

Colombia is overigens niet het enige land met deze ideeën. Recent kwam ook de Vlaamse Vereniging Steden en Gemeenten (VVSG) met het idee om in de ene wijk lagere belastingen te heffen dan in andere. Hoewel zij hiermee niet meteen hetzelfde doel beogen als in Colombia – in Vlaanderen wil men bepaalde wijken aantrekkelijker maken om te wonen -, tonen de Colombiaanse resultaten aan dat gedegen onderzoek nodig is vooraleer dergelijk voorstel wordt doorgevoerd.

Colombia Ongelijkheid
Terug naar dossier
Imprimer
In dezelfde categorie - Artikel 5 /28 Pastoralisme in Oost-Afrika: uitdagingen en oplossingen