Investeer in ontwikkeling

Ruben Mooijman – De Standaard
07 februari 2019
Wil je graag beleggen in bedrijven en organisaties in ontwikkelingslanden? Dan staan in België 4 ontwikkelingsfondsen voor je klaar. Je krijgt er zelfs een leuk fiscaal extraatje bovenop.

Een breedlachende boerin, getooid met vrolijk gekleurde kralenkettingen, lacht de lezers toe. ‘Geef boeren meer kansen,’ zo spoort ze hen in de bijbehorende tekst aan, ‘en teken in op aandelen van Alterfin’. De advertentie verscheen enkele weken geleden in de Belgische pers.

In België zijn vier zogenaamde ontwikkelingsfondsen actief: naast Alterfin ook Incofin, BRS Micro­finance en Oikocredit België. Deze coöperaties beleggen het geld van hun aandeelhouders in bedrijven en organisaties in ontwikkelingslanden. Op die manier helpen ze die landen om zich te ontwikkelen. Als dat goed verloopt, kunnen ze hun coöperanten een dividend uitkeren. De overheid vindt dat dit concept een steuntje in de rug verdient, en verleent de aandeelhouders daarom een fiscaal voordeel.

De ontwikkelingsfondsen mikken dus zowel op financieel als sociaal rendement. Dat eerste gebeurt vooral via het principe van micro finance: geld tegen rente uitlenen aan kleine ondernemers. De Belgische coöperaties investeren vaak in lokale banken of kredietinstellingen, die op hun beurt de microfinance-leningen toekennen. Soms wordt ook geleend aan landbouwcoöperaties. De tweede doelstelling wordt waargemaakt door financieel niet het onderste uit de kan te halen. Zo is het voor ondernemers in ontwikkelingslanden mogelijk om hun levensstandaard te verbeteren.

De ontwikkelingsfondsen mikken zowel op financieel als sociaal rendement.

Koers schommelt niet

De vier ontwikkelingsfondsen werken min of meer op dezelfde ­manier, maar hun oorsprong is wel verschillend. Incofin is gegroeid vanuit de Gentse VDK-spaarbank. Twee jaar geleden kwam deze coöperatie in het nieuws toen koningin Mathilde tijdens een staatsbezoek aan India langsging bij Fusion Microfinance, die met hulp van Incofin micro­kredieten verschaft aan vrouwelijke ondernemers. Alterfin vond zijn ontstaan in de ngo-wereld. Onder meer Oxfam Wereldwinkels, Oxfam Solidariteit, FairFin en Rikolto (het vroegere Vredeseilanden) zijn aandeelhouder. BRS Microfinance is dan weer een initiatief van de Belgische Raiffeisen Stichting, genoemd naar de Duitse pionier van het coöperatief bankieren, Friedrich Wilhelm Raiffeisen. Cera en KBC zijn aandeelhouders van BRS. Ten slotte is er Oikocredit België, een kerkelijk initiatief, dat deel uitmaakt van de internationale oecumenische organisatie Oikocredit International.

Wie geld in een ontwikkelingsfonds stopt, moet akkoord gaan met de spelregels voor coöperatief beleggen. Het aandeelhouderschap houdt een risico in: in het slechtste geval kan de volledige investering verloren gaan. Coöperatieve aandelen kennen een vaste waarde, de koers schommelt niet op en neer. De liquiditeit is beperkt: verkopen kan meestal maar in een beperkt deel van het jaar. Het rendement moet komen van het dividend, en de hoogte daarvan kan schommelen in functie van de ­behaalde resultaten. Incofin streeft ernaar om elk jaar hetzelfde dividend uit te keren, bij Alterfin schommelt het dividendpercentage nogal. BRS Microfinance keert pas sinds kort dividend uit. Bij Oikocredit ging het dividend vorig jaar gevoelig naar beneden.

Van het bedrag dat je in een coöperatie investeert, kun je in het daaropvolgende aangiftejaar 5 procent inbrengen als belastingvermindering.

Tot 320 euro fiscaal voordeel

Een aantrekkelijke bijkomstigheid van de ontwikkelingsfondsen is het fiscale voordeel. Van het bedrag dat je in een coöperatie investeert, kun je in het daaropvolgende aangiftejaar 5 procent inbrengen als belastingvermindering. De vermindering is wel aan een aantal voorwaarden gebonden. De investering moet minstens 380 euro en hoogstens 6.400 euro bedragen. Het fiscale voordeel bedraagt dus maximaal 320 euro. De aandelen mogen vijf jaar lang niet verkocht worden.

Verder geldt voor erkende coöperatieve vennootschappen ook een vrijstelling van roerende voorheffing op de eerste 190 euro dividend. Dat voordeel is vanaf vorig jaar (2018) evenwel geïntegreerd in de algemene vrijstelling op de eerste 640 euro op alle ontvangen dividenden. Ten slotte zakt de roerende voorheffing van 30 procent naar 15 procent, naarmate de aandelen langer in bezit blijven.

 

Dit artikel verscheen eerder in De Standaard.

 

In cijfers

 

Incofin

Waarde investeringsportefeuille: 74 miljoen euro

Winst 2017: 2,8 miljoen euro

Uitgekeerd dividend 2017: 1 miljoen euro

Minimale investering: 130,20 euro (1/20ste aandeel)

Bruto dividend 2017: 2,5 procent

Gemiddeld dividend sinds 2008: 2,35 procent

 

Alterfin

Waarde investeringsportefeuille: 49 miljoen euro

Winst 2017: 1,1 miljoen euro

Uitgekeerd dividend 2017: 0,6 miljoen euro

Minimale investering: 62,50 euro

Bruto dividend 2017: 1 procent

Gemiddeld dividend sinds 2008: 2,6 procent

 

BRS Microfinance

Waarde investeringsportefeuille: 11 miljoen euro

Winst 2017: 0,24 miljoen euro

Uitgekeerd dividend 2017: 0,07 miljoen euro

Minimale investering: 500 euro

Bruto dividend 2017: 0,5 procent

(Tot en met 2016 keerde BRS Microfinance geen dividend uit)

 

Oikocredit

Waarde investeringsportefeuille (Oikocredit International): 982 miljoen euro

Winst 2017 (Oikocredit International): 18 miljoen euro

Uitgekeerd dividend 2017 (Oikocredit International): 10 miljoen euro

Bruto dividend 2017: 0,75 procent

Minimale investering: 250 euro

Gemiddeld dividend sinds 2008: 1,2 procent

Sociale economie
Terug Economie
Imprimer
Over hetzelfde thema - Artikel 2 /5 Sociale en solidaire economie ontmoeten ontwikkelingssamenwerking