Jij, dochter, jij zal nooit naar school gaan

Elise Pirsoul
01 oktober 2012
Aïcha of de wil om tegen de tradities in les te volgen
Het was een kwelling. Zo beschrijft Aïcha de 20 jaar tussen Marokko en België dat haar vader weigerde haar naar school te laten gaan. Omdat ze een meisje is, omdat het traditie is, uit schrik voor de macht die ze zou krijgen. Vandaag geeft Aïcha les bij het Collectif Alpha en leert ze anderen ‘iemand te worden’. De situatie mag dan aanzienlijk verbeterd zijn, maar duizenden Marokkaanse meisjes zijn vandaag nog steeds ongeletterd.

Molenbeek, juli 2012

De lokalen van het Collectif Alpha zijn leeg, de lessen zijn sinds eind juni gedaan. Enkel de lesgevers werken nog hun verslagen af. Aïcha ontvangt me als vrouw des huizes, met een glimlach en een kopje koffie. "Hoeveel klontjes suiker? Zoals u ziet, heb ik me goed aangepast: vroeger nam ik er vier, nu neem ik er nog maar eentje." En dat dit haar toch wel ontroert: "Weet u, ik heb nog nooit mijn verhaal gedaan."

Marokko, 1975

"Ik ben in Marokko geboren, eind jaren 60. Kinderen mochten toen vanaf 7 jaar naar school gaan, maar alleen de jongens werden naar school gestuurd, meisjes niet, dat werd niet gedaan. Meisjes waren er alleen om het huishouden te doen en te trouwen. Het kwam de mannen uiteraard goed uit dat de vrouwen eerst en vooral voor hun moeder en broers moeten zorgen en zodra ze getrouwd waren, op de leeftijd van 14 jaar, ook nog voor hun man en schoonmoeder. Ik had veel vriendinnen die dat aanvaardden. Maar ik kwam ertegen in opstand. Ik vond dit een onrecht. Ik wou leren. Niet naar school gaan was hetzelfde als niet bestaan."

Ze zwijgt even, kijkt ernstig en dromerig: "Als ik over de school spreek, dan ben ik nog van streek. 15 jaar lang heb ik therapie gevolgd, om ermee te leren omgaan… Achteraf werd vastgesteld dat ik hoogbegaafd was. Mijn verstand had meer dan wie ook nood aan voedsel. Kunt u zich dat voorstellen, wat ik ginder, gevangen in een klein dorp, heb afgezien? Ik begon dus maar kleine dingen te knutselen. ’s Nachts sliep ik niet: ik droomde dat ik zou ontsnappen. Ik wou medisch onderzoeker worden…”

“Ik smeekte mijn ouders, ik dreigde ermee van het dak te springen om naar school te kunnen gaan. Maar het mocht niet baten. Mijn vader zei dat ik er zelfs niet aan moest denken. Mijn arme moeder was verscheurd tussen wat ik wou en wat mijn vader zei, maar hij had natuurlijk het laatste woord. Ik was liever zoals de andere meisjes van mijn leeftijd geweest, onderdanig berustend in mijn lot, mar ik had dorst naar kennis, en ik voelde een kwellende nieuwsgierigheid. Dat maakte mijn vader woedend: een meisje had niet het recht eigen ideeën te hebben. Hij was woedend en reageerde met slaag. Toen heb ik besloten om in stilte vooruit te komen."

Niet naar school gaan was hetzelfde als niet bestaan.

Aïcha

Brussel, 1982

"Ik kon niet lezen of schrijven, ik sprak geen Arabisch – ik ben Berbers -, geen Frans of Nederlands toen ik in België aankwam. Ik was 14 jaar oud. En ondanks de smeekbeden van mijn moeder en de schoolplicht, weigerde mijn vader mij naar school te sturen. Er was een school tegenover ons huis en ik keek door het raam naar de kinderen die er binnengingen. Ik ging in hongerstaking, dreigde met zelfmoord; ik heb alles geprobeerd om naar school te mogen gaan, maar tevergeefs. Mijn tante heeft getracht een goed woord voor mij te doen, ze zei dat ik te intelligent was om thuis opgesloten te zitten. Dat heeft hem pas echt woedend gemaakt. Op dat ogenblik begreep ik dat ik nooit een voet in een school zou zetten.

Toen heb ik met de hulp van mijn kleine broer stiekem leren lezen en schrijven. Ik oefende in mijn eentje op mijn kamer terwijl mijn vader weg werken was.

Toen ik 20 was had ik meer dan genoeg doorgemaakt en ben ik van huis weggegaan. Een ongehuwd meisje dat van huis weggaat is in onze traditie een smet voor de familie en zet haar leven op het spel. Sindsdien heb ik geen contact meer met mijn familie.

Zo ben ik komen aankloppen bij het Collectif Alpha. Mijn opleider, een fantastische man, heeft me aangemoedigd om alles onder woorden te brengen. Ik had me zo lang slecht gevoeld… Beetje bij beetje heb ik mij bevrijd van deze twintig jaar van zwijgen, van dingen die ik in mijn land of mijn familie niet mocht zeggen zonder een pak slaag te riskeren. Omdat ik een goede leerling was, heeft hij me aangemoedigd om door te zetten, opleidingen te volgen. En dat wou ik: dingen leren. Ik zal nooit een medisch onderzoeker worden, maar voor het eerst in mijn leven kon ik tenminste plannen maken. Tegelijkertijd heb ik therapie gevolgd om 20 deprimerende jaren te verwerken.

Na mijn opleiding ben ik voor een stage teruggekeerd naar het Collectif Alpha. Ik heb begrepen dat ik op mijn beurt mensen wil leren lezen en schrijven. Ik werd aangeworven. Een droom werd werkelijkheid. Eindelijk bestond ik. Wie kon beter dan ik meeleven met de leerlingen? Ik ken het gevoel van schaamte van wie ongeletterd is, ik weet wat er omgaat in het hoofd van wie niet naar school is geweest. Ongeletterd zijn, dat is een handicap in het dagelijkse leven. Om maar te zwijgen van de manier waarop anderen naar ons kijken, vreselijk: soms verwarren ze cultuur met intelligentie, ze denken dat we idioten zijn.

Wanneer ik nu de metro neem, weet ik waar ik moet afstappen; ik kan alleen naar de huisarts, een telefoonnummer kiezen. Ik moet uit schaamte niet meer liegen en iemand in een winkel vragen me een etiket voor te lezen 'omdat ik mijn bril vergeten ben'. Ik heb veel complexen van me afgeschud maar zelfs vandaag nog weten veel vrienden van mij niet dat ik niet naar school ben gegaan.

Onder mijn leerlingen zijn er veel Marokkanen. Een minderheid zijn mannen: de meesten konden niet naar school gaan omdat hun ouders geen geld hadden. De meeste vrouwen zijn dan weer jong getrouwd. Soms moet ik culturele conflicten in mijn groep leerlingen oplossen, bijvoorbeeld tussen een Berberse man en een vrouw uit Casablanca, omdat de man denkt dat een vrouw niet het recht heeft om het woord te nemen."

We weiden uit over het onderwijs in Marokko. De scholingsgraad is van 56% in 1991 gestegen tot 85 % in 2002. Vandaag ligt dat percentage op 95 %, waarbij iets meer jongens dan meisjes naar school gaan (bron UNESCO). In Sub-Sahara Afrika is er nog een duidelijk verschil: daar zijn het vooral jongens die naar school gaan. Ik vraag haar of ze kan uitleggen waarom dat zo is. "In tegenstelling tot de algemene overtuiging heeft dit niets met godsdienst te maken. Mannen beletten dat vrouwen les volgen omdat ze hun macht vrezen. Ik heb mijn vader tegen mijn moeder horen zeggen: Aïcha is te intelligent, ik ben bang van haar."

In Marokko is er nog geen schoolplicht. Sinds de hervorming van het familierecht door Mohammed VI is er veel veranderd voor de vrouwen, maar de traditie is diep geworteld. "Vandaag is het zo dat meisjes in kleine dorpen naar school gaan, maar vaak volgen ze alleen ‘vrouwelijke’ vakken. Als ze een diploma halen, moeten ze naar de stad om te gaan werken. Alleen? De situatie verschilt van regio tot regio, van stad tot stad. Het is al 21 geleden dat ik nog ben teruggekeerd. Ik zou er graag naartoe gaan om er voor onderwijs voor meisjes te pleiten."

Het is laat geworden, straks zal Aïcha opgaan in de anonieme menigte in de straten van Brussel waar ongetwijfeld andere vrouwen zoals zij zijn die niet naar school hebben kunnen gaan. In België zou één persoon op tien niet vlot kunnen lezen of schrijven -, omdat het schoolsysteem tekort schiet, omdat het een vrouw is, omdat de traditie het zo wil, of uit armoede…

Aïcha schrijft met krijt op bord
© © DGD / D. Ardelean
Cultuur Onderwijs Onderwijs
Terug Mens
Imprimer