Peru, bakermat van de aardappel

Aurélie Van Wonterghem & Chris Simoens
12 juni 2018
Peru is het centrum van de aardappelbiodiversiteit. Van de 5000 bekende variëteiten groeien er meer dan 3000 in Peru. De diversiteit is dus gigantisch. Jammer genoeg wordt die meer en meer bedreigd, en daarmee ook de voedselzekerheid. 

De aardappelplant gedijt best in een koeler klimaat met vooral koele nachten. Daardoor kan ze groeien in uiteenlopende gebieden, van Zuid-Chili tot in Groenland, van het zeeniveau tot 4700 meter boven de zeespiegel. De aardappel is dan ook het derde belangrijkste voedingsgewas ter wereld, na rijst en tarwe. Recent onderzoek suggereert zelfs dat de bodem van de planeet Mars geschikt is om aardappelen te kweken.

 

Agrobiodiversiteit

De aardappel is oorspronkelijk afkomstig uit Peru. We vinden daar dan ook enorm veel variëteiten, meer dan 3000. Er bestaan aardappelen in tal van vormen, kleuren en smaken, en de ene variëteit verdraagt al beter droogte of koude dan de andere. Maar deze zogenaamde ‘agrobiodiversiteit’ – de diversiteit van een landbouwgewas - is veel meer dan een leuk weetje. Zij is van levensbelang voor het voortbestaan van de aardappelteelt en dus ook voor de voedselzekerheid van velen.

De wereldwijde aardappelteelt gebruikt immers een zeer beperkt aantal variëteiten. Veelal variëteiten die een mooie opbrengst en degelijke kwaliteit garanderen. Regelmatig treden echter nieuwe ziektes en pesten op waar de gekweekte variëteiten geen verweer tegen bieden. Om deze resistent te maken, gaan plantenveredelaars op zoek naar oude, resistente variëteiten binnen de beschikbare agrobiodiversiteit. Die worden vervolgens gekruist met de ziektegevoelige variëteiten. Eindresultaat: een nieuwe ziekteresistente variëteit met een mooie opbrengst en degelijke kwaliteit.

De agrobiodiversiteit vormt dus een reserve aan kenmerken of genen die naargelang de behoefte kunnen ingekruist worden in andere aardappelvariëteiten. Ze is onze belangrijkste verzekeringspolis tegen toekomstige uitdagingen. Op die manier blijft de aardappelsector opgewassen tegen nieuwe ziektes, maar ook tegen een droger of warmer klimaat. De rijkdom aan aardappelvariëteiten biedt ook de mogelijkheid om in diverse klimaatzones in de Andes aardappelen te kweken. Daardoor kon het aardappelareaal in Peru flink uitbreiden.

Agrobiodiversiteit is van levensbelang voor het voortbestaan van de aardappelteelt en dus ook voor de voedselzekerheid van velen.

Potato park

Het is dan ook essentieel dat de agrobiodiversiteit van de aardappel bewaard blijft. Maar dat lukt niet als alle boeren overschakelen op slechts enkele variëteiten met een mooie opbrengst. Traditionele, kleinschalige boeren die wel nog de oude variëteiten gebruiken, spelen dus een belangrijke rol. Dat wordt echter niet altijd ten volle gewaardeerd.

Ook het Internationaal Onderzoekscentrum voor de Aardappel (CIP) in Peru – één van de Internationale onderzoeksinstellingen voor de landbouw (CGIAR) - zet zich in voor het behoud van de agrobiodiversiteit. België schenkt jaarlijks 2,5 miljoen euro aan CGIAR.

Het CIP beschikt over de grootste ‘in vitro genenbank’ van aardappelen ter wereld: een collectie van 4727 variëteiten die in kweekkamers worden bewaard, dus niet op het veld. De collectie wordt jaarlijks geactualiseerd. Alle variëteiten zijn beschikbaar voor onderzoek en veredeling.

Maar het CIP werkt ook samen met de Peruaanse boeren in het Andesgebergte. Zo heeft het onderzoekscentrum een heus ‘potato park’ opgezet: een soort reservaat of ‘levende bibliotheek’ van 15.000 hectare groot met 1200 aardappelvariëteiten! Het CIP wil het ‘potato park’ uitbreiden tot 4000 soorten.

In mei 2018 vond een wereldcongres over de aardappel plaats in Peru. Slogan: ‘Terug naar de oorsprong voor een betere toekomst.’ Ook hier gaat dus veel aandacht naar de bedreigde oude variëteiten die nochtans de voedselzekerheid van de toekomst moeten garanderen.

Dossier aardappelen

België investeert in agrobiodiversiteit

 

Ook de Belgische Ontwikkelingssamenwerking zet zich in voor de agrobiodiversiteit van de aardappel. Zo werkt het Belgisch Ontwikkelingsagentschap Enabel samen met het Peruaanse Ministerie van Leefmilieu aan het project ‘Prodern’ (= Ontwikkelingsprogramma voor duurzaam beheer van natuurlijke hulpbronnen). Dat programma richt zich op armoedebestrijding door burgers en overheden aan te zetten om hun natuurlijke erfgoed beter te beheren. Enabel werkte bijvoorbeeld samen met Victor Rojas, een Yachichiq of bewaarder van voorouderlijke kennis. Dankzij Rojas’ kennis konden 124 aardappelvariëteiten geïdentificeerd worden die elk groeien in een specifieke omgeving en op een specifieke hoogte. Prodern helpt bij de erkenning, verbouwing en promotie van de autochtone aardappelsoorten in Peru om zo de voedselzekerheid van toekomstige generaties te waarborgen.

Naast gouvernementele programma’s is de Belgische Ontwikkelingssamenwerking ook actief in de aardappelsector via verschillende ngo’s. In Peru vind je zo Trias, ADG, SOS Faim en Îles de Paix.

 

Diverse soorten aardappelen uitgespreid

 

Aardappel Peru
Terug Economie
Imprimer
Over hetzelfde thema - Artikel 5 /6 De aardappel, grootste werkgever in Peruaanse Andes