Virunga: jobs beschermen bossen

Chris Simoens
10 december 2019
Het majestueuze Virungapark (DR Congo) vormt een parel van onze planeet. Maar de rijke natuur wordt er bedreigd door houtkap, visserij, stroperij en gewapende groepen. Alleen jobs en nog eens jobs kunnen helpen. De Belg Emmanuel de Merode wil er 100.000 creëren.

Welk landschap ziet u voor zich als u aan Afrika denkt? Mogelijk de eindeloze savannes met hier en daar een boom met brede kruin en rondtrekkende olifanten, giraffen, waterbuffels, zebra’s… Ofwel het ondoordringbare regenwoud met zijn mastodonten van bomen en palmen, en waterplassen alom. Toch heeft Afrika zoveel meer te bieden.

 

Spectaculaire natuur

In het Nationaal Park Virunga in Noord-Kivu (Oost-Congo) – bijna 8000 km² groot, iets meer dan de provincies Namen en Henegouwen samen  – vindt u niet alleen savannes en regenwoud, maar ook steppes, moerassen en lavavlaktes, naast een spectaculair hooggebergte. Kliffen en abrupte valleien doorklieven het grillige Ruwenzori-massief, met zijn besneeuwde pieken van meer dan 5000 m hoog. Op de vulkanen van het Virungamassief groeit een afro-alpine vegetatie met boomvarens en lobelia’s, uniek in Afrika. Hun flanken zijn bedekt met dichte wouden.

Zicht op het Ruwenzori-hooggebergte met speciale begroeiing.
© VNP

Kortom, het Virungapark biedt een schouwspel van uitzonderlijke schoonheid. Niet te verwonderen dat het park ook een enorme biodiversiteit herbergt: meer dan 2000 hogere plantensoorten, 218 zoogdiersoorten, 706 vogelsoorten, 109 soorten reptielen en 78 soorten amfibieën. Veel soorten komen alleen daar voor. Typisch zijn de 22 soorten apen, waaronder 3 grote: de chimpansee, de berggorilla en de vlaktegorilla. Ook de okapi en de rode ‘cephalophus’, een antilope-achtige, zijn iconische soorten.

De bossen van de Virunga spelen ook een belangrijke rol in het klimaat en de waterhuishouding. Ze slaan niet alleen enorm veel koolstof op, ze fungeren ook als een spons. Regelmatig barsten stevige regenbuien los. Al dat overvloedig hemelwater wordt door het immense woud opgeslorpt en slechts beetje per beetje weer vrijgelaten.

Een koppel gorilla's met twee jongen in het bos.
© VNP

Nationale Albertpark

De uitzonderlijke waarde van het gebied werd ook door de Belgische kolonisatoren al erkend. Ze creëerden er in 1925 het Nationale Albertpark, het allereerste natuurpark in Afrika. Na de onafhankelijkheid in 1960 werd het in twee gesplitst waarbij ook een deel naar Rwanda ging. Het huidige Virungapark ligt ook vlakbij 4 natuurparken in Oeganda. Al die parken maken deel uit van de regenwouden van het Congobekken.

Ook de huidige Congolese overheid erkent het gebied als een nationaal park. Ze onderschrijft tevens de conventie over de bescherming van cultureel en natuurlijk wereldpatrimonium (UNESCO), naast een reeks andere internationale conventies zoals die over biodiversiteit en over de internationale handel in bedreigde soorten (CITES). Het park wordt beheerd door het Institut Congolais pour la Conservation de la Nature (ICCN).

Een rivier met eilanden van begroeiing doorsnijdt een bos in het Virungapark.
© VNP

Gewapende groepen

Jammer genoeg wordt het park ernstig bedreigd, en dat sinds 1994. Toen ontstonden er grote kampen voor vluchtelingen, afkomstig uit het door genocide geteisterde buurland Rwanda. Dat leidde tot massale ontbossing en stroperij. Vanaf 1996 kwam daar de impact bovenop van allerlei gewapende groeperingen die verwikkeld raakten in een kluwen van conflicten in Oost-Congo.

Deze groeperingen halen hun inkomen uit allerlei illegale praktijken zoals de stroperij van olifanten en nijlpaarden, de productie van houtskool uit hakhout en de visserij. De vispraktijken – met onder meer netten met te kleine mazen – zijn zeer schadelijk voor de biodiversiteit. De milities vinden makkelijk een afzet voor hun producten via (inter)nationale netwerken van illegale handel. Zo halen ze een geschatte omzet van ruim 50 miljoen dollar per jaar.

 

Ongeziene armoede

Ook bij de omwonenden is er een grote vraag naar houtskool, vis en vlees uit de brousse. Om en bij de 4 miljoen mensen wonen op minder dan 1 dag stappen van het reservaat. De armoede en de noden zijn er ongezien. De nabije grote steden Goma, Beni en Butembo verbruiken kollossale hoeveelheden houtskool.

Grote delen van het park worden illegaal ingenomen door landbouwgemeenschappen. In het verleden was er ook sprake van dat de Congolese overheid een concessie zou toekennen voor de ontginning van petroleum. Voorlopig is deze dreiging van de baan, maar niets is zeker.

Een aaneengesloten rij parkwachters doorkruisen een bos in het Virungapark.
© VNP

717 parkwachters

Het moge duidelijk zijn, het Virungapark beschermen is een herculestaak. Om niet te zeggen, een gevecht tegen de bierkaai. Toch wijdt onze landgenoot Emmanuel de Merode zich al jarenlang onverdroten aan die taak. Met zijn doctoraat in de biologische antropologie zag de Congolese overheid in hem de geknipte man om het Virungapark te leiden. In 2008 werd hij aangesteld als provinciaal directeur van het ICCN en is dus Congolees staatsambtenaar.

De Merode voert de leiding over onder meer 717 parkwachters, waaronder 27 vrouwen, die over de bevoegdheid beschikken tot rechtshandhaving onder de Congolese wet. Een onderdeel ervan is de “Quick Reaction Force”, samengesteld uit ongeveer 240 mannen, die ingrijpt bij dringende nood. Allen krijgen een degelijke opleiding, waarbij de principes van de internationaal geldende mensenrechten centraal staan. Het Virungapark beschikt ook over 5 vliegtuigen, 3 boten, 34 vrachtwagens, 40 jeeps en 1 minibus.

De parkwachters hebben als voornaamste taak het park te beschermen. De patrouilles concentreren zich dan ook op de bescherming van topsoorten (tegengaan van stroperij) en op de illegale visserij, houtskoolproductie en dergelijke. Regelmatig worden acties georganiseerd om opnieuw controle te krijgen over de zones die door gewapende groepen worden ingenomen. Dat is vanzelfsprekend niet zonder gevaar. De laatste 20 jaar lieten ruim 175 parkwachters het leven. Ook de Merode was in 2014 slachtoffer van een aanslag.

 

Jobs, jobs, jobs

Het park beschermen is één zaak. Toch bestaat de enig echt duurzame oplossing erin om voldoende jobs te creëren. Dat vormt dan ook het hoofddoel van de “Virunga-alliantie”, een alliantie van de overheid, de civiele samenleving en de private sector uit Noord-Kivu dat in 2013 gelanceerd werd.

Want als de omwonenden een job hebben, zullen ze minder gedreven worden tot houtkap en stroperij. Ook zullen ze minder geneigd zijn zich aan te sluiten bij een militie bij gebrek aan beter. Jobs helpen dus ook de vrede vooruit. Vandaag al wordt een deel van de gecreëerde jobs ingenomen door ex-militieleden.

In totaal wil de Virunga-alliantie 100.000 jobs en 1 miljard dollar duurzame economische activiteit creëren. Het Virungapark zelf staat in voor 2500 banen. Op hun beurt zouden de uitgaven door de Virunga-werknemers een broodwinning bieden aan 20.000 mensen (boeren, leveranciers, …). Daarnaast zouden nog eens 17.000 indirecte jobs gecreëerd zijn.

Een technicus staat op een elektriciteitsmast in een open gebied in Goma.
© VNP

Waterkrachtcentrales

De indirecte jobs worden mogelijk gemaakt door de voorziening van elektriciteit. Het Virungapark, met zijn functie als waterspons, vormt een ideale plek voor hydro-elektriciteit. Vandaag werden al 4 waterkrachtcentrales gebouwd, er volgen er nog 4. Het potentieel bedraagt 105 megawatt, terwijl per megawatt 800 à 1000 jobs gecreëerd kunnen worden. In totaal is er dus ruimte voor een 80.000 à 100.000 jobs.

De geproduceerde elektriciteit moet natuurlijk ook verdeeld worden. Daartoe worden tientallen km elektriciteitslijnen aangelegd. Het Belgische Ores, de Franstalige tegenhanger van Fluvius, draagt een steentje bij door technici op te leiden.

Regelmatig geeft het Virungapark microkredieten aan beginnende ondernemers. Dat gaat dan van viskweek en een drukkerij, over een winkel van informaticamateriaal tot een laswerkplaats en een fabriekje om granen te bewaren. Allemaal zaken mogelijk gemaakt door de elektriciteit. Maar ook de veiligheid (straatverlichting) en gezondheidszorg (beter uitgeruste ziekenhuizen) gaan er dankzij de elektriciteit op vooruit.

Een half afgewerkt gebouw staat in de steigers.
© VNP

Chocolade en zeep

Ook de landbouw kan een bron van jobcreatie zijn, en al zeker als er fabrieken gebouwd worden die de oogsten verwerken. Zo werkt de gewaardeerde Belgische chocolatier Dominique Persoone mee aan een chocoladefabriek. Met ter plaatse gekweekte cacaobonen zullen 3 types chocoladerepen gemaakt worden: fondant, melkchocolade en vegan. De repen zullen verpakt worden in papier gemaakt van de bladeren van de cacaoboom.

50% van de winst gaat naar de mensen, 50% naar de bescherming van het park. Ook al zal de chocoladefabriek “slechts” 40-50 banen opleveren, een pak meer cacaoboeren zullen eindelijk een deftige prijs krijgen voor hun cacaobonen. De iets duurdere Virungarepen zullen onder meer in België te koop zijn.

Zicht in de zeepfabriek Sicovir met lopende banden en stapels dozen.
© VNP

Een andere fabriek maakt zeep op basis van plaatselijke palmolie. Voordien werd de olie naar Burundi uitgevoerd om uiteindelijk terug te keren als dure stukken zeep. Vandaag kan de fabriek 40 ton per dag produceren. Er werden 400 eerlijke jobs gecreëerd en 4000 boeren krijgen nu minstens 20% meer voor hun palmolie.

Iets gelijkaardig staat op til voor koffie en papaja. Duizenden lokale boeren produceren papajalatex waaruit enzymen gehaald kunnen worden voor de farmaceutische en voedingsindustrie. Kortom, veel is mogelijk, mede dankzij de beschikbare elektriciteit.

Zicht op het houten terras omgeven met bomen van een lodge voor toeristen.
© VNP

Ecotoerisme

Een derde sector waar volop op ingezet wordt, is het ecotoerisme. Deze adembenemende plek heeft uiteraard een enorm potentieel voor een doordacht toerisme. In 2017-2018 hebben 5000 toeristen het park bezocht. Dat leverde een zakencijfer op van 4 miljoen dollar. Dat moeten er nog een pak meer worden. Jammer genoeg gooiden de onzekerheid rond de verkiezingen en de ebolacrisis roet in het eten. Hopelijk kan het aantal toeristen binnenkort weer in stijgende lijn gaan.

De ontwikkeling van een duurzame plaatselijke economie is dus prioriteit nummer 1. Maar ook andere maatregelen blijven nodig. Zo worden er momenteel 100 km elektrische afsluitingen geplaatst om de biodiversiteit te beschermen.

Zicht op de spectaculaire krater van de Nyiragongo-vulkaan.
© VNP

Financiering

Het spreekt vanzelf dat de kosten voor al deze maatregelen en investeringen hoog oplopen. Het budget voor het Virungapark alleen bedraagt ongeveer 11 miljoen dollar per jaar! De Europese Unie is al 30 jaar lang de grootste donor. Daarnaast schenken ook een aantal kleinere stichtingen financiële steun, onder meer in België. (zie kader).

Ondanks de buitengewoon felle tegenwind, maakt deze unieke parel veel kans om bewaard te blijven. Met dank aan de inzet van Emmanuel de Merode, de sponsors, maar vooral van de vele Congolese medewerkers, waaronder de parkwachters die hun leven lieten of nog dagelijks hun leven riskeren.

Ooit, zo hoopt de Merode, ook al zal het nog lang duren, zullen de omwonenden inzien dat het de moeite loont het Virungapark te behouden. Omdat het toeristen aantrekt en een bron vormt van energie en van belangrijke investeringen. Maar ook voor de planeet in zijn geheel is het cruciaal om de Virungabossen te beschermen.

Belgische steun

 

De Belgische steun verloopt vooral via “gedelegeerde samenwerking” met de Europese Commissie. Zo steunde ons land de bouw van een hydro-elektrische microcentrale aan de noordelijke grens van Virunga, met inbegrip van de verdeling van de elektriciteit (3,4 miljoen euro). Daar komt 1 miljoen euro bovenop van de Virungastichting. De bijdragen ondersteunen de sociale en economische ontwikkeling van de stad Lubero.

 

Daarnaast schonk België 325.000 euro om de parkwachters van Virunga beter op te leiden. Verder haalt het Virungafonds België geld op bij onder meer de FOD Volksgezondheid, ZOO Antwerpen en Music for Life.

 

Ook vermeldenswaard is de serie ‘Flying Doctors Virunga’ die 106.000 euro kreeg van de Belgische Ontwikkelingssamenwerking. Deze veelbekeken serie werd in primetime vertoond op VRT-Eén in 2016. Productiehuis Geronimo werkte daarvoor onder meer samen met Virunga National Park en de Belgische Virungastichting.

Biodiversiteit DR Congo Bossen
Terug Planeet
Imprimer
Over hetzelfde thema - Artikel 3 /25 België in de bres voor olifanten