Wordt de moeder van alle granen te populair?

Chris Simoens
01 februari 2014
 
Het Internationaal Jaar van Quinoa is zopas afgelopen. Wat is er zo bijzonder aan dat gewas? En wat wilden de Verenigde Naties met de actie bereiken?
Twee boeren strooien de quinoa uit
© IRD

Twintig jaar geleden kenden alleen trouwe fans van de wereldwinkel quinoa (uitspraak: ‘kienwa’). Vandaag vind je het ook in de natuurvoedingswinkels en in sommige supermarkten. Het ‘pseudograan’ – quinoa is eigenlijk verwant met spinazie – wordt alom geprezen voor zijn zachte smaak en vlotte bereiding. Maar bovenal zit het boordevol essentiële aminozuren, mineralen, vitaminen en antioxidanten. Geen graan doet het hem na.

 

Inca’s

5000 jaar geleden groeide er al quinoa in de omgeving van het hooggelegen Titicacameer in de Andes. Lange tijd was het basisvoedsel voor de volkeren van de altiplano, de hoogvlakten boven 3000m. De Inca’s noemden het chisaya mama, de moeder van alle granen. Maar de Spaanse conquistadores keken er op neer. Zij teelden liever maïs of aardappelen.

De arme inheemse boeren van de altiplano bleven echter hun quinoa telen. Het gewas groeide immers uitstekend in de barre omstandigheden daar: schrale winden, vorst, fel zonlicht, droogte. Bovendien was het weinig gevoelig voor ziektes. En de lama’s die de weiden begraasden, zorgden voor de mest.

Pas in de jaren 1970 ontdekte het westen de hoge voedingswaarde van quinoa. Sindsdien is het pseudograan aan een steile opmars bezig. Goed voor de arme boeren in de Andes – zeker als de handel eerlijk verliep – die daardoor hun levensomstandigheden sterk zagen verbeteren. Het zette meteen ook een rem op de vlucht naar de stad.

 

Morales

De Boliviaanse president Morales was zelf ooit quinoaboer. Hij was dan ook dé grote pleitbezorger voor een Internationaal Jaar. Voor hem is het een eerbetoon aan de inheemse bevolking van de Andes die de praktijken van haar voorouders in stand wisten te houden, in harmonie met de natuur.

Voor de VN is quinoa een element in de strijd tegen de ondervoeding. Omdat quinoa enorm voedzaam is, maar ook omdat het aangepast is aan een bar klimaat. Misschien wordt het wel hét graan bij uitstek dat ons kan helpen als ons klimaat grilliger wordt.

Nadelen

De VN leggen wel sterk de nadruk op de duurzaamheid van de teelt. Want de toenemende vraag naar quinoa heeft ook nadelen. Boeren gaan veel intensiever telen of zoeken ander land. Ze offeren daarvoor een deel van hun weilanden op, en dus ook hun lama’s. Gevolg: minder mest, en de bodem verschraalt. Soms ontstaan er zelfs bloedige conflicten tussen boeren.

Ook de prijzen schieten de hoogte in. Daarom verkiezen de boeren al hun quinoa te verkopen. Voor zichzelf kopen ze dan rijst en pasta, naast cola en chips. De armen kunnen zich zelfs hun chisaya mama niet meer permitteren. Maar in de grote steden van Peru en Bolivia is quinoa hip, althans voor de middenklasse.

 

Delicaat evenwicht

Kunnen we nog met een gerust geweten quinoa verorberen? Oxfam Wereldwinkels – die biologische quinoa aanbiedt – volgt de situatie op de voet. ‘Quinoa eten is oké, maar we mogen onze ogen niet sluiten voor de problemen’, zegt Leo Ghysels van Oxfam. ‘Een mogelijke oplossing is de herwaardering van de lamateelt. Alsook de zoektocht naar andere, minder kwetsbare teeltgebieden. Vandaag al wordt in Ecuador quinoa ingezaaid op veel lagere hoogtes.

Maar ook buiten de Andes doet men pogingen, onder meer in China, Kenya, Italië, India, Marokko en Nederland. Door de productie te verruimen verlaagt niet alleen de druk op de altiplano, maar kunnen ook de prijzen zakken. Dan kunnen de armen in de Andes weer quinoa kopen. Al mogen de prijzen ook niet kelderen, want dan verliezen de boeren hun inkomen. Alweer een delicaat evenwicht! Hopelijk werd de wereld tijdens 2013 zich wat bewuster van de licht- én schaduwzijde van het succes van de moeder van alle granen.

 

Een quinoaveld in Bolivia met 2 mensen
© IRD
Landbouw Quinoa
Terug naar dossier
Imprimer
In dezelfde categorie - Artikel 38 /39 ‘De civiele samenleving is essentieel voor een democratie’